Acht uur. Woef woef..., twee blafjes. Telkens weer, iedere ochtend. Of Loulou (onze Golden Retriever) een polshorloge draagt. Of de klok aan de wand af kan lezen. Niet vroeger, noch later. Ze wekt ons;" opstaan!". Bij geen reactie wordt de blaf actie na een half uur herhaald.
De opgedroogde slaap nog in de ooghoeken schuif ik de trap af. Onder staan ze alle drie. Hevig kwispelend. Loulou probeert mij tegemoet te komen, maar bij de derde trede glijden haar voorpoten weg. Hoger komt ze niet. Onderaan wordt ik vervolgens uitbundig begroet. Drie honden buitelen over elkaar om hun liefde te betuigen en enthousiasme te tonen.
Na de begroeting open ik de tuindeur. Het huisvee stuift naar buiten. Binnen geen plasje, noch een drolletje. Ze hebben zich weer keurig gehouden, maar de nood is nu wel hoog. Emma controleert direct de buitenboel en of zij nog moet bewaken, waarna ze een voor een weer binnen druppelen. Ontbijt tijd.
Het feit dat Jenna haar verblijf boven verruild voor het gezelschap bij de honden geeft mij een warm gevoel. Soms wil Emma nog wel even een sprintje trekken, wanneer Jenna zich wat te snel beweegt, maar laat zich hierin uitmuntend corrigeren. Gesteld kan worden is dat er sprake is van een hele fijne harmonie. En ondanks dat ik, of Reina, voor portier moet spelen (in dit huis geen hondenluik meer) zijn de dieren vrij te gaan en staan waar ze willen.
Wanneer een van hen te ver weg gaat, of het is etenstijd, dan wel dat Emma te lang weg blijft, Loulou houdt de roedel bijeen. Zelf controleert zij ons regelmatig op onze aanwezigheid, waarbij Loulou ook graag een knuffel wenst, of een cadeautje geeft. Meestal een doorkauwde tennisbal.
Soms rennen Loulou en Emma als gekken weg, na een sierlijke sprong over het muurtje. Een enkele keer vervaagt de reden tot rennen en lopen ze zij en zij wat rond, niet beseffende wat hen zo haastig maakte. Een andere keer rennen ze doelgericht. Of naar de eik, niet ver achter het hek, of naar een schitterende gevormde dode boom, een kleine honderd meter van het huis verwijderd. Even later hoor je de eekhoorns kwetteren van plezier. Ze waren toch weer sneller dan die twee grote jongens.
Heel vaag klinkt een belletje. Ventje wordt direct nerveus en blijkt op mijn schoot te kunnen klimmen zonder hulp. Dan verschijnen de eerste schapen. Uiteindelijk schuifelt er een kudde van zo'n vijftig schapen rond het erf. Loulou vindt het eng. Af en toe loopt ze op het hek af en blaft. De schapen rennen drie meter en grazen weer door. Een grote ram verschijnt bij het open hekje. Loulou wordt stil. Groot beest, maar die hoorns zitten op een dier... En heeft er twee. Loulou heeft haar eigen kauw hoorn..., ook zo groot. Emma loopt geïnteresseerd met de kudde mee. Een grote zwarte hond verschijnt op de muur. Druk kwispelend. Dan een sierlijke sprong. Eerst loopt het mannetje naar Loulou. Iedere keer weer begroeten ze elkaar lieflijk. Dan komt de hond bij een van ons een aai halen, om vervolgend de route te vervolgen en achter de kudde aan te sjokken.
Een uurtje later, een groepje geiten bij de mooie dode boom. Loulou en Emma rennen er op af, maar blijven op zo'n vijftien meter staan. Kijken en staan. Een stukje naar voren en wat geblaf. Weinig reactie bij de geiten. Dan maar rechtsomkeert en terug naar huis.
Half zes. De honden verzamelen zich. Langzaam etenstijd. Na het diner weer naar buiten. Maar Ventje en Loulou komen vrij snel weer naar binnen. Languit op het kleed, of op en kussen. Spelen en knuffelen met de baas. Bal als cadeautje. Dan liggen ze lekker en slapen. Emma ligt buiten op de stoel. Soms blijft ze daar de hele nacht.
Ik kan mij niet voorstellen dat sommige mensen niets met dieren hebben. Sommige zelfs wars zijn van honden. Wat kunnen ze je leven toch enorm verrijken.....
Posts tonen met het label natuur. Alle posts tonen
Posts tonen met het label natuur. Alle posts tonen
dinsdag 5 december 2017
dinsdag 31 oktober 2017
Paradijs!
Ik zit hier op de flat en bedenk mij dat de omvang van het appartement vrijwel gelijk is aan de omvang van het zwembad (plus zonneterras er omheen) van de woning in Turkije....
In 2014 vertrokken we, in feite noodgedwongen, naar Turkije. Na een periode her en der logeren hebben we inmiddels een kleine stek, waar wij onze vier Nederlandse maanden kunnen doorbrengen. In Turkije huurden we eerst een kil huis in het kustdorpje Göcek. Na bijna een jaar vertrokken we acht kilometer verderop, naar een hoogte van 420 meter. Een traditioneel Turks huis in het centrum van het dorp. Leuk, maar de nadelen stapelden zich op. Dat maakte dat er al plannen lagen een andere huurwoning te zoeken. Nadat de huisbaas 35% huurverhoging wenste ging het verkeerd. We moesten het huis uit.
Toeval, of niet, we vonden een woning. Iets buiten het dorp, 570 meter hoogte, en geheel vrij. De buitenmuren opgetrokken van rotsblokken, evenals de buitenste binnen muren. Een redelijke lap grond er omheen. Daarna rondom bos. Drie jaar geleden koesterde ik de angst dat dit een te stille omgeving was. Inmiddels weet ik beter. We horen hier zelfs de oproep voor gebed van de moskee niet eens. Het huis staat de gehele dag in de zon, maar door de dikke muren is het binnen aangenaam. De stilte is verrukkelijk en de meeste geluiden natuurlijk. In feite een min of meer perfecte omgeving. Maar ook binnen... Het is een echt huis. Geen hokjes, waar we niemand durfden uit te nodigen. Dat deden we wel, maar dan alleen indien het op de waranda nog aangenaam vertoeven was. Nu een "echt" huis. De woonkamer is hoog, tot de onderzijde van het dak. De binnenmuren wit gestuukt. Een open trap leidt naar de eerste etage, een balkon doet je van bovenaf op het woongedeelte turen. Het lijkt op een Franse vakantiewoning..., met dien verstande dat wij hier zeer lange "vakanties" hebben. De sfeer is warm en aangenaam. De oude meubels blijken opvallend treffend in het huis te passen. De muziekinstallatie verzorgt hemelse geluiden. Hard, zowel zacht. Helder en de vibratie doet je denken in een concertzaal te zijn. Voor het storende televisie kijken beschikken wij over een aparte ruimte, naast de woonkamer. Een bescheiden, maar uiterst sfeervol half open kamer. Ruimte voor mijn atelier, twee badkamers, waarvan eentje met jacuzzi. Een giga grote bovenruimte met mogelijkheden te slapen, atelierruimte voor mijn vrouw en een opslaghok (al dan niet tevens "walk-in closed").
Omgerekend betalen wij de iets minder dan de helft aan huur, vergeleken met de huur van de postzegel in IJmuiden. Volgens mij mag je, na een dergelijke opsomming, spreken van het Paradijs. Zeker wanneer 's avonds het open vuur knappert bij het schijnsel van onze ruim drie meter lange (stoere) hanglamp en met de drie slapende honden, waar alle tevredenheid van af straalt.
Hier, in het IJmuidens appartement realiseer ik het Paradijslijke gevoel nóg sterker. De grijze luchten buiten, gordijnen de gehele dag vrijwel gesloten, de koude natte wind tegen de pui. Twee totaal verschillende werelden, als het verschil van dag en nacht. Zit ik het ene moment in de zo'n, met ontbloot bovenlichaam, buiten koffie te drinken, is het volgende moment een bakkie binnen bij de aangename warmte van de cv. Met het laatste ben ik niet ontevreden, zeker niet met dat Turkse paradijs op drieduizend kilometer afstand.
Misschien ook juist daardoor dat ik hier de tevredenheid kan opbrengen...; straks mag en kan ik weer terug naar dat Paradijs.
Er is wel een voorwaarde verbonden aan de Turkse woning. We dienen het huis in goede staat te houden..., en daar waar nodig te brengen. Het zwembad ligt er leeg, zonder pomp en toebehoren met vieze tegels. Het zonneterras moet (deels opnieuw) voorzien worden van tegels. De terrein moet het aanzien van een tuin krijgen en hier en daar moeten verbeteringen aangebracht worden (bijvoorbeeld een waranda creëren op het huidige terras). Nee, de woning is niet "af". Het klinkt wellicht wat vreemd, maar dat stemt ons juist nog vrolijker. We kunnen en mogen er los, iets wat we graag willen; klussen. Zo hebben we een van de douches, die lekte, vervangen voor een nette douchecabine. Overige lekkages aangepakt en de buitendeuren voorzien van een klink aan de buitenkant.
Klinkt daar het geluid van de natuur, balkende ezels, kwetterend vogels, spelende eekhoorns, hier klinken geluiden van industrie, stad en schepen. Ja, we mogen ons zeer gelukkig prijzen met onze Mediterrane woning. Echt een waar geluk, serieus een Paradijselijk gevoel. Bijzonder, want wanneer we geen ellende gekend zouden hebben, waren wij nooit in dat Paradijs terecht gekomen....
In 2014 vertrokken we, in feite noodgedwongen, naar Turkije. Na een periode her en der logeren hebben we inmiddels een kleine stek, waar wij onze vier Nederlandse maanden kunnen doorbrengen. In Turkije huurden we eerst een kil huis in het kustdorpje Göcek. Na bijna een jaar vertrokken we acht kilometer verderop, naar een hoogte van 420 meter. Een traditioneel Turks huis in het centrum van het dorp. Leuk, maar de nadelen stapelden zich op. Dat maakte dat er al plannen lagen een andere huurwoning te zoeken. Nadat de huisbaas 35% huurverhoging wenste ging het verkeerd. We moesten het huis uit.
Toeval, of niet, we vonden een woning. Iets buiten het dorp, 570 meter hoogte, en geheel vrij. De buitenmuren opgetrokken van rotsblokken, evenals de buitenste binnen muren. Een redelijke lap grond er omheen. Daarna rondom bos. Drie jaar geleden koesterde ik de angst dat dit een te stille omgeving was. Inmiddels weet ik beter. We horen hier zelfs de oproep voor gebed van de moskee niet eens. Het huis staat de gehele dag in de zon, maar door de dikke muren is het binnen aangenaam. De stilte is verrukkelijk en de meeste geluiden natuurlijk. In feite een min of meer perfecte omgeving. Maar ook binnen... Het is een echt huis. Geen hokjes, waar we niemand durfden uit te nodigen. Dat deden we wel, maar dan alleen indien het op de waranda nog aangenaam vertoeven was. Nu een "echt" huis. De woonkamer is hoog, tot de onderzijde van het dak. De binnenmuren wit gestuukt. Een open trap leidt naar de eerste etage, een balkon doet je van bovenaf op het woongedeelte turen. Het lijkt op een Franse vakantiewoning..., met dien verstande dat wij hier zeer lange "vakanties" hebben. De sfeer is warm en aangenaam. De oude meubels blijken opvallend treffend in het huis te passen. De muziekinstallatie verzorgt hemelse geluiden. Hard, zowel zacht. Helder en de vibratie doet je denken in een concertzaal te zijn. Voor het storende televisie kijken beschikken wij over een aparte ruimte, naast de woonkamer. Een bescheiden, maar uiterst sfeervol half open kamer. Ruimte voor mijn atelier, twee badkamers, waarvan eentje met jacuzzi. Een giga grote bovenruimte met mogelijkheden te slapen, atelierruimte voor mijn vrouw en een opslaghok (al dan niet tevens "walk-in closed").
Omgerekend betalen wij de iets minder dan de helft aan huur, vergeleken met de huur van de postzegel in IJmuiden. Volgens mij mag je, na een dergelijke opsomming, spreken van het Paradijs. Zeker wanneer 's avonds het open vuur knappert bij het schijnsel van onze ruim drie meter lange (stoere) hanglamp en met de drie slapende honden, waar alle tevredenheid van af straalt.
Hier, in het IJmuidens appartement realiseer ik het Paradijslijke gevoel nóg sterker. De grijze luchten buiten, gordijnen de gehele dag vrijwel gesloten, de koude natte wind tegen de pui. Twee totaal verschillende werelden, als het verschil van dag en nacht. Zit ik het ene moment in de zo'n, met ontbloot bovenlichaam, buiten koffie te drinken, is het volgende moment een bakkie binnen bij de aangename warmte van de cv. Met het laatste ben ik niet ontevreden, zeker niet met dat Turkse paradijs op drieduizend kilometer afstand.
Misschien ook juist daardoor dat ik hier de tevredenheid kan opbrengen...; straks mag en kan ik weer terug naar dat Paradijs.
Er is wel een voorwaarde verbonden aan de Turkse woning. We dienen het huis in goede staat te houden..., en daar waar nodig te brengen. Het zwembad ligt er leeg, zonder pomp en toebehoren met vieze tegels. Het zonneterras moet (deels opnieuw) voorzien worden van tegels. De terrein moet het aanzien van een tuin krijgen en hier en daar moeten verbeteringen aangebracht worden (bijvoorbeeld een waranda creëren op het huidige terras). Nee, de woning is niet "af". Het klinkt wellicht wat vreemd, maar dat stemt ons juist nog vrolijker. We kunnen en mogen er los, iets wat we graag willen; klussen. Zo hebben we een van de douches, die lekte, vervangen voor een nette douchecabine. Overige lekkages aangepakt en de buitendeuren voorzien van een klink aan de buitenkant.
Klinkt daar het geluid van de natuur, balkende ezels, kwetterend vogels, spelende eekhoorns, hier klinken geluiden van industrie, stad en schepen. Ja, we mogen ons zeer gelukkig prijzen met onze Mediterrane woning. Echt een waar geluk, serieus een Paradijselijk gevoel. Bijzonder, want wanneer we geen ellende gekend zouden hebben, waren wij nooit in dat Paradijs terecht gekomen....
dinsdag 28 juli 2015
In den vreemde: Paradijs.... (46)
Zacht als een ruis het geluid van krekels en cicliden. Onderbroken door het geroep van een uil of zacht gefluit van onbekende vogelsoorten. Een hemel vol sterren. De hemel geeft rust, zelfs een zuchtje wind is haar te veel. Ver weg een zachte sten. Een reactie. Geknor van de oude motorfiets knerpend over het stenen pad. Een enkel geluid. Diversiteit in geluid. Alle geluid komt zacht en bescheiden over. Op de waranda overweegt een grote sprinkhaan de volgende stap. Een minstens zo grote spin bivakkeert in een hoekje, ingesponnen, wachtend op een prooi. Ik hoor de motor nog, geluid draagt ver.
Een sigaretje, een glas bier. Voor mij een sfeervol terras. Een waranda feitelijk. Zacht verlicht. Mooie spreien vol mandala's en gouden draden, waarop verschillende kussentjes, vol Turkse motieven. Een aangename temperatuur. Bij a fris,mal meet de thermometer nog steeds meer dan vijfentwintig graden.
Van morgen om kwart over zeven stond ik de tomaten te bewateren. Tussen dat moment en het heden ligt een dag. Een dag wederom vol klusjes. Alles in een gestaag tempo. Als een deken van verzachting over ons heen getrokken.
Bijbels, noch de Koran zijn mijn richtingwijzers. Toch voel je een haast Goddelijke heerlijkheid. Zonder de kwellingen van mijn hernia kon deze plaats niets anders zijn dan het Paradijs. Betere en mooiere omstandigheden kan een mens zich niet wensen. Neen, zelfs een hernia lijkt even niet op te spelen.
Mijn conclusie kan niet anders zijn dan dat ik het Paradijs op aarde heb gevonden, mag ondergaan, is aangereikt... Het is hier niet perfect in de zin dat alles glimt, strak is, en modern genoemd mag worden. Nee, aan veel zaken mankeert het een en ander, wat het juist zo perfect maakt. Écht perfect. Iets waar je niet van durft te dromen, iets wat op je weg komt. Het moet zo zijn. Twee weken werken wij ons nu, letterlijk, het zweet in onze naad. Telkens een stap dichter naar de perfectie in deze wereld vol condities. Wat is perfect? Omschrijven kan ik het gevoel niet. Het zit diep.
Vanmiddag gaf ik onze planten water, een groter hoeveelheid dorst werd gelest. Eerder al rommelde ik met zwarte aarde en plantjes. Een moment dat ik mij gelukkig voelde. Het geluksgevoel koester ik.
Aan het einde van de dag, wanneer de brandende zon zich gaat verschuilen achter een idyllische rotspartij begint de hemel te kleuren. Verloren zonnestralen schijnen als strakke oranje lijnen, terwijl de lucht en kleine wolkjes vele tinten tussen rood en paars vertonen, tot het nachtelijk donker alles overwint. Een nachtelijk donker vol sterren, de lichtjes van het dorp, de zachte geluiden.
Ondertussen word ik aan alle kanten belaagd. Muggen, vliegen, alles wat steekt en prikt lijkt zich op mij te werpen. Een ander heeft er nauwelijks last van, zeker niet in mijn aanwezigheid. Alles komt op mij af, blijkbaar ben ik erg lekker voor alle bloedzuigende insecten.
Ja, het gevoel in een soort paradijs te zijn beland geeft een gevoel van vrede, tevredenheid en rust. Maar al deze gevoelens zijn niets waard, indien er geen negatieve gevoelens meer bestaan. Ja, ik heb net weer een hele dag van mijn hernia last gehad. Mijn bewegingen leken op die van een oude man, voor zover het bewegen mij lukte. Ja, een vorm van spanning, of we het oude huis wel op tijd leeg krijgen en schoon kunnen achter laten. Er kan een reeks volgen qua opsomming van allerlei ongemakjes. En gelukkig maar. Stel je voor dat er totaal niets negatiefs meer bestond, niet waar je je aan kan ergeren, en alles perfect was...., dan zou je geen oog meer hebben voor al het schoons! Dat maakt het zo mooi. De negatieve dingen zijn geen grote barricades meer, maar minuscule drempeltjes, voldoende om oog te houden voor de perfectie. Geen perfectie in het materialistische, maar juist in het gevoel, gevoed door de materie. Materie als middel, nooit als doel. Onze buiten zithoek, bestaat uit oude spullen, maar opgekalefaterd met nieuwe kussens en kleden. Ziet er aardig uit, maar juist de waranda, het licht, de planten en natuur, de combinatie van het alles, dát maakt het zo compleet. Dát maakt het juist zo mooi. En dan kan, en mag, ik mij alleen nog maar gelukkig prijzen.
Mensen vragen mij met regelmaat of er dingen zijn, die ik mis. Wel, ik mis niks! Natuurlijk, wanneer ik in Nederland ben ga ik mij tegoed doen aan een sliptongetjes. Dat lijkt mij voortreffelijk, maar hier is het niet, dus ik mis het ook niet. Missen immers geeft de intentie aan van verlangen...., in die zin is er niets waar ik naar verlang en waar ik hier niet over beschik. Missen komt ook voort uit het onvermogen het nieuwe te plaatsen voor het oude. Hier kan je heerlijk ansjovis kopen en bakken. Daar geniet ik van, dan denk ik niet onderwijl aan een tong. Wanneer ik tijdens het nuttigen van de ansjovis aan een malse sliptong denk..., dan kan ik beter direct terug gaan en voort leven in een kartonnen doos naast de plaats waar net een paar bomen omgewaaid zijn, voor het stadhuis van Velsen. Nee, dan heb ik een verkeerde keuze gemaakt.
Nee, ik sta helemaal achter mijn, onze, keuze van vorig jaar. Sinds de spanning er begin april af is, is het genieten echt van start gegaan. Ondanks de vele obstakels, die zich voor blijven doen. Het gaat mij goed af, daar ook allemaal even niet aan te denken. Prutsen in de tuin, klusjes in het huis, af en toe naar Göcek, borreltje en de heerlijke maaltijden. Nog wel wat gebroken van het vele tilwerk voel ik de vale glimlach op mijn tronie, die verraadt dat ik geniet. En hopelijk mag en kan ik dat nog een hele tijd blijven doen. Het genieten van het grote geheel. De eerste logé's komen al snel. Het geheel valt steeds meer op zijn plaats en het gevoel van settelen is op volle gang. Wordt het nóg gezelliger.
Mijn groentes en tomaatjes zijn verzorgd. Alle dieren te eten gehad en onze magen zijn evenzo gevuld. De kippen zijn op stok. Wanneer mijn medicijnen gaan werken ga ik heerlijk naar bed. Ik verheug mij al weer op de dag van morgen. Slaap lekker.
Een sigaretje, een glas bier. Voor mij een sfeervol terras. Een waranda feitelijk. Zacht verlicht. Mooie spreien vol mandala's en gouden draden, waarop verschillende kussentjes, vol Turkse motieven. Een aangename temperatuur. Bij a fris,mal meet de thermometer nog steeds meer dan vijfentwintig graden.
Van morgen om kwart over zeven stond ik de tomaten te bewateren. Tussen dat moment en het heden ligt een dag. Een dag wederom vol klusjes. Alles in een gestaag tempo. Als een deken van verzachting over ons heen getrokken.
Bijbels, noch de Koran zijn mijn richtingwijzers. Toch voel je een haast Goddelijke heerlijkheid. Zonder de kwellingen van mijn hernia kon deze plaats niets anders zijn dan het Paradijs. Betere en mooiere omstandigheden kan een mens zich niet wensen. Neen, zelfs een hernia lijkt even niet op te spelen.
Mijn conclusie kan niet anders zijn dan dat ik het Paradijs op aarde heb gevonden, mag ondergaan, is aangereikt... Het is hier niet perfect in de zin dat alles glimt, strak is, en modern genoemd mag worden. Nee, aan veel zaken mankeert het een en ander, wat het juist zo perfect maakt. Écht perfect. Iets waar je niet van durft te dromen, iets wat op je weg komt. Het moet zo zijn. Twee weken werken wij ons nu, letterlijk, het zweet in onze naad. Telkens een stap dichter naar de perfectie in deze wereld vol condities. Wat is perfect? Omschrijven kan ik het gevoel niet. Het zit diep.
Vanmiddag gaf ik onze planten water, een groter hoeveelheid dorst werd gelest. Eerder al rommelde ik met zwarte aarde en plantjes. Een moment dat ik mij gelukkig voelde. Het geluksgevoel koester ik.
Aan het einde van de dag, wanneer de brandende zon zich gaat verschuilen achter een idyllische rotspartij begint de hemel te kleuren. Verloren zonnestralen schijnen als strakke oranje lijnen, terwijl de lucht en kleine wolkjes vele tinten tussen rood en paars vertonen, tot het nachtelijk donker alles overwint. Een nachtelijk donker vol sterren, de lichtjes van het dorp, de zachte geluiden.
Ondertussen word ik aan alle kanten belaagd. Muggen, vliegen, alles wat steekt en prikt lijkt zich op mij te werpen. Een ander heeft er nauwelijks last van, zeker niet in mijn aanwezigheid. Alles komt op mij af, blijkbaar ben ik erg lekker voor alle bloedzuigende insecten.
Ja, het gevoel in een soort paradijs te zijn beland geeft een gevoel van vrede, tevredenheid en rust. Maar al deze gevoelens zijn niets waard, indien er geen negatieve gevoelens meer bestaan. Ja, ik heb net weer een hele dag van mijn hernia last gehad. Mijn bewegingen leken op die van een oude man, voor zover het bewegen mij lukte. Ja, een vorm van spanning, of we het oude huis wel op tijd leeg krijgen en schoon kunnen achter laten. Er kan een reeks volgen qua opsomming van allerlei ongemakjes. En gelukkig maar. Stel je voor dat er totaal niets negatiefs meer bestond, niet waar je je aan kan ergeren, en alles perfect was...., dan zou je geen oog meer hebben voor al het schoons! Dat maakt het zo mooi. De negatieve dingen zijn geen grote barricades meer, maar minuscule drempeltjes, voldoende om oog te houden voor de perfectie. Geen perfectie in het materialistische, maar juist in het gevoel, gevoed door de materie. Materie als middel, nooit als doel. Onze buiten zithoek, bestaat uit oude spullen, maar opgekalefaterd met nieuwe kussens en kleden. Ziet er aardig uit, maar juist de waranda, het licht, de planten en natuur, de combinatie van het alles, dát maakt het zo compleet. Dát maakt het juist zo mooi. En dan kan, en mag, ik mij alleen nog maar gelukkig prijzen.
Mensen vragen mij met regelmaat of er dingen zijn, die ik mis. Wel, ik mis niks! Natuurlijk, wanneer ik in Nederland ben ga ik mij tegoed doen aan een sliptongetjes. Dat lijkt mij voortreffelijk, maar hier is het niet, dus ik mis het ook niet. Missen immers geeft de intentie aan van verlangen...., in die zin is er niets waar ik naar verlang en waar ik hier niet over beschik. Missen komt ook voort uit het onvermogen het nieuwe te plaatsen voor het oude. Hier kan je heerlijk ansjovis kopen en bakken. Daar geniet ik van, dan denk ik niet onderwijl aan een tong. Wanneer ik tijdens het nuttigen van de ansjovis aan een malse sliptong denk..., dan kan ik beter direct terug gaan en voort leven in een kartonnen doos naast de plaats waar net een paar bomen omgewaaid zijn, voor het stadhuis van Velsen. Nee, dan heb ik een verkeerde keuze gemaakt.
Nee, ik sta helemaal achter mijn, onze, keuze van vorig jaar. Sinds de spanning er begin april af is, is het genieten echt van start gegaan. Ondanks de vele obstakels, die zich voor blijven doen. Het gaat mij goed af, daar ook allemaal even niet aan te denken. Prutsen in de tuin, klusjes in het huis, af en toe naar Göcek, borreltje en de heerlijke maaltijden. Nog wel wat gebroken van het vele tilwerk voel ik de vale glimlach op mijn tronie, die verraadt dat ik geniet. En hopelijk mag en kan ik dat nog een hele tijd blijven doen. Het genieten van het grote geheel. De eerste logé's komen al snel. Het geheel valt steeds meer op zijn plaats en het gevoel van settelen is op volle gang. Wordt het nóg gezelliger.
Mijn groentes en tomaatjes zijn verzorgd. Alle dieren te eten gehad en onze magen zijn evenzo gevuld. De kippen zijn op stok. Wanneer mijn medicijnen gaan werken ga ik heerlijk naar bed. Ik verheug mij al weer op de dag van morgen. Slaap lekker.
Labels:
Bijbel,
boeren,
geluk,
Göcek,
Gökceovacik,
Koran,
natuur,
paradijs,
planten,
tuinieren,
Turkije
dinsdag 9 juni 2015
Gökceovaçık
Langzaam minderde de auto vaart. De bocht naar links was scherp en smal. Bovendien was juist deze bocht bezaaid met los liggende steenslag. Zoals meestal ondervond de auto geen tegenliggend verkeer. Nog een honderd meter asfalt, en even zo vele gaten, dan sloeg de auto rechts het grindpad op. Nu ging het stapvoets. De wind tochtte door de opengedraaide ramen. Verder was er het geluid van niks, behalve het zacht ronken van de motor. Bij de ingang van de tuin moest nog een kuil genomen worden. Eindelijk doemde het huis op. Verscholen tussen het groen en verstopt achter grote oude druivenstruiken. Nadat de motor uitgeschakeld werd was er stilte. Een natuurlijke stilte. Het zacht ruizen van blaadjes, een kraaiende haan op afstand.
Hij bleef nog even zo zitten. Genieten van de omgeving, maar vooral de vocale rust. Nee, uitstappen maakte nu even te veel lawaai. Het blik van de autoportieren zou de rust van dit moment verstoren. Ook al zou diezelfde rust na het sluiten der portieren weer aanwezig zijn, en zelfs alle harde mechanische geluiden doen vergeten, dit moment moest even gepakt worden.
Het duurde een tijd, wellicht een kwartier, alvorens hij het portier opende en de auto verliet, zonder het portier weer te sluiten. Een kleine kat lag kronkelen aan zijn voeten te mauwen. Vogels zongen in de verte. Met trage bewegingen verroerde hij zich. Eerst richting het huis, dan naar het overgroeide terras. De druivenbladeren hielden vrijwel alle zon tegen, wat het zeer aangenaam maakte. Zijn ogen tuurden de struik af. De plant droeg een onnavolgbare hoeveelheid trossen. De druiven begonnen zich voorzichtig te vormen. Dan ging hij zitten. Ondanks dat het een bank van steen was, zat deze aangenaam. Met bijna vertraagde beweging volgden zijn ogen en hoofd de omgeving. Van de oprit, tot het hele huis. Zijn mondhoeken vormden een bescheiden, echter zeer tevreden glimlach.
Het was niet de eerste keer dat hij hier was. Vele keren waren voor gegaan. Telkens voor korte duur. Dit keer zou hij blijven. Dit werd zijn nieuwe thuis. Een plek die al als zodanig voelde, nog voor dit moment. Vol ongeloof wandelde hij nog rond het huis, door de tuin, over het land. Nog voor de verhuizing had hij hier en daar al wat sporen achter gelaten. Ter voorbereiding van de verhuizing. Op enkele plaatsen groeide groente uitbundig. Hier en daar had hij al een aantal bloeiende planten aan de grond toevertrouwd. Inmiddels was het van het hek tot de woning een oase van bloemen en planten. Verder zou het land het landelijke karakter behouden. Dat had hij met haar besproken. De woning toonde zich een woonhuis, maar de omgeving gaf het meer het etiket van een hoeve. Het kon hem niet schelen. Het was zoals hij zich wenste.
De kippen scharrelden in hun nieuwe onderkomen. Ja, ze hadden zelfs een nieuw nachthok gebouwd. Het oude, wat er reeds stond (en half vervallen was) hadden zij geïntegreerd in het nieuwe hok. Het schuine pannendak domineerde het beeld. Achter het huis graasden de twee nieuwe geiten. In de oude schuur vonden zij het nachthok, en verder konden zij relatief vrij grazen. De poes rekte zich uit in de schaduw, inmiddels vriendschap gesloten met de kleine kat. De honden lagen in de zon te slapen... De zinderende hitte kon hen blijkbaar niet deren. Alleen de ezel was er nog niet. Ja, een ezel hoorde er ook bij.
Hij vond het wel storend dat het nieuwe hekwerk er nog zo nieuw uit zag. Te veel glans, te strak gezet. Toch snel zo'n honderd meter had hij geplaatst. Dan konden de honden zich vrij bewegen, zonder de kippen en schapen van de buurman op stang te jagen.
De waranda, het terras waren sfeervol ingericht en aangekleed. Eenvoudig, maar dat was hun keuze. Eenvoud kan juist zo veel warmte bieden. Ook in het huis was alles zonder overdaad, maar sfeervol. Nee, de echte uitbundigheid was buiten te vinden. De vele planten, groente, natuur... Bloemen.
Voorheen wilde hij blijven, telkens wanneer hij hier was. Iedere keer vertrok hij toch weer spoedig. Ook dan had hij meestal wel een poosje gezeten. Zitten en genieten. Met tegenzin vertrok hij dan. Hij wilde wel blijven, maar behalve de groenten was er niets van hem. Hij was te gast. Nu niet meer. Alles was over. Ja, bijna alles stond en lag er al bij of zij er reeds een poos woonden. Daar hadden zij de voorgaande weken dan ook, in alle rust, hard aan gewerkt. Het ongeloof achtervolgde hem nog over het feit dat hij nu kon blijven. Samen.
De volgende ochtend ontwaakte hij door de mauwende kat, blaffende honden, kakelende kippen en blèrende geiten. Het was een geweldige nacht geweest. Diep had hij geslapen, mooi gedroomd. Op weg naar de keuken werd hij gezelschap gehouden door zijn huisdieren. Eerst voeren, daarna de restjes naar de kippen brengen om vervolgens bij de geiten te kijken. Pas daarna zette hij zich op de waranda, achter een groot glas koele melk. Vroeger had hij inmiddels al een stuk of vier sigaretten weg gewerkt... Nu genoot hij van zijn eerste tabak. Ja, hij bleef roken, maar sporadisch. Dat ging eigenlijk van zelf. Zelfs wanneer hij zat, of zich ontspande was hij druk te genieten. Hij dacht veel minder aan het opsteken van een sigaret. Bovendien had hij, op zich, een vrij vaste structuur. Na het voeten van de dieren las hij een uurtje, dan boog hij zich over de boeken om (nu eindelijk) de taal van het land te leren. Tussendoor was hij door de tuin gegaan. Onkruid kreeg geen kans meer, daar waar het niet gewenst was.
Na het taaluurtje tekende of schreef hij tot aan de lunch. Alleen de middag varieerde van dag tot dag. De avonden waren niet minder veranderlijk. Soms zat hij even te genieten van zijn omgeving. Over het algemeen was hij in beweging. Bezig. Bezig met van alles. En altijd onder het genot van de rust. Zelfs het gebed, vanaf de moskee gesproken, stoorde hem niet. Geluid hier was anders. Het praten van de buren, het passeren van verkeer. Hier klonk het aangenaam. De eerste weken dacht hij bij vrijwel iedere auto dat deze het pad naar hun woning was opgedraaid. Geluid klonk ver weg en toch ook zo nabij. Het gevoel of hij levend in de hemel gekomen was. De dagen kende hij niet meer, tijd was niet van belang. Toch was iedere dag anders. Dit was de plaats waar hij oud wilde worden. Deze omgeving omarmde hem.
Gezeten op een grote kei, achter op het land, mijmerde hij over zijn geluk. Het geluk wat hij zo lang gezocht had, en nu, juist door het ongeluk, op zijn pad was gekomen. Zachtjes streelden vingers door zijn haar. Van zijn haar naar zijn rug. Hij opende de ogen, draaide het hoofd schalks naar op zij. Geruisloos was zij naast hem komen zitten. De kers op de pit van zijn geluk; zijn vrouw. En samen, innig omarmd zaten zij daar, tevreden en gelukkig tot ook die dag de zon achter de bergen onderging en de sterren de hemel vulden.
Hij bleef nog even zo zitten. Genieten van de omgeving, maar vooral de vocale rust. Nee, uitstappen maakte nu even te veel lawaai. Het blik van de autoportieren zou de rust van dit moment verstoren. Ook al zou diezelfde rust na het sluiten der portieren weer aanwezig zijn, en zelfs alle harde mechanische geluiden doen vergeten, dit moment moest even gepakt worden.
Het duurde een tijd, wellicht een kwartier, alvorens hij het portier opende en de auto verliet, zonder het portier weer te sluiten. Een kleine kat lag kronkelen aan zijn voeten te mauwen. Vogels zongen in de verte. Met trage bewegingen verroerde hij zich. Eerst richting het huis, dan naar het overgroeide terras. De druivenbladeren hielden vrijwel alle zon tegen, wat het zeer aangenaam maakte. Zijn ogen tuurden de struik af. De plant droeg een onnavolgbare hoeveelheid trossen. De druiven begonnen zich voorzichtig te vormen. Dan ging hij zitten. Ondanks dat het een bank van steen was, zat deze aangenaam. Met bijna vertraagde beweging volgden zijn ogen en hoofd de omgeving. Van de oprit, tot het hele huis. Zijn mondhoeken vormden een bescheiden, echter zeer tevreden glimlach.
Het was niet de eerste keer dat hij hier was. Vele keren waren voor gegaan. Telkens voor korte duur. Dit keer zou hij blijven. Dit werd zijn nieuwe thuis. Een plek die al als zodanig voelde, nog voor dit moment. Vol ongeloof wandelde hij nog rond het huis, door de tuin, over het land. Nog voor de verhuizing had hij hier en daar al wat sporen achter gelaten. Ter voorbereiding van de verhuizing. Op enkele plaatsen groeide groente uitbundig. Hier en daar had hij al een aantal bloeiende planten aan de grond toevertrouwd. Inmiddels was het van het hek tot de woning een oase van bloemen en planten. Verder zou het land het landelijke karakter behouden. Dat had hij met haar besproken. De woning toonde zich een woonhuis, maar de omgeving gaf het meer het etiket van een hoeve. Het kon hem niet schelen. Het was zoals hij zich wenste.
De kippen scharrelden in hun nieuwe onderkomen. Ja, ze hadden zelfs een nieuw nachthok gebouwd. Het oude, wat er reeds stond (en half vervallen was) hadden zij geïntegreerd in het nieuwe hok. Het schuine pannendak domineerde het beeld. Achter het huis graasden de twee nieuwe geiten. In de oude schuur vonden zij het nachthok, en verder konden zij relatief vrij grazen. De poes rekte zich uit in de schaduw, inmiddels vriendschap gesloten met de kleine kat. De honden lagen in de zon te slapen... De zinderende hitte kon hen blijkbaar niet deren. Alleen de ezel was er nog niet. Ja, een ezel hoorde er ook bij.
Hij vond het wel storend dat het nieuwe hekwerk er nog zo nieuw uit zag. Te veel glans, te strak gezet. Toch snel zo'n honderd meter had hij geplaatst. Dan konden de honden zich vrij bewegen, zonder de kippen en schapen van de buurman op stang te jagen.
De waranda, het terras waren sfeervol ingericht en aangekleed. Eenvoudig, maar dat was hun keuze. Eenvoud kan juist zo veel warmte bieden. Ook in het huis was alles zonder overdaad, maar sfeervol. Nee, de echte uitbundigheid was buiten te vinden. De vele planten, groente, natuur... Bloemen.
Voorheen wilde hij blijven, telkens wanneer hij hier was. Iedere keer vertrok hij toch weer spoedig. Ook dan had hij meestal wel een poosje gezeten. Zitten en genieten. Met tegenzin vertrok hij dan. Hij wilde wel blijven, maar behalve de groenten was er niets van hem. Hij was te gast. Nu niet meer. Alles was over. Ja, bijna alles stond en lag er al bij of zij er reeds een poos woonden. Daar hadden zij de voorgaande weken dan ook, in alle rust, hard aan gewerkt. Het ongeloof achtervolgde hem nog over het feit dat hij nu kon blijven. Samen.
De volgende ochtend ontwaakte hij door de mauwende kat, blaffende honden, kakelende kippen en blèrende geiten. Het was een geweldige nacht geweest. Diep had hij geslapen, mooi gedroomd. Op weg naar de keuken werd hij gezelschap gehouden door zijn huisdieren. Eerst voeren, daarna de restjes naar de kippen brengen om vervolgens bij de geiten te kijken. Pas daarna zette hij zich op de waranda, achter een groot glas koele melk. Vroeger had hij inmiddels al een stuk of vier sigaretten weg gewerkt... Nu genoot hij van zijn eerste tabak. Ja, hij bleef roken, maar sporadisch. Dat ging eigenlijk van zelf. Zelfs wanneer hij zat, of zich ontspande was hij druk te genieten. Hij dacht veel minder aan het opsteken van een sigaret. Bovendien had hij, op zich, een vrij vaste structuur. Na het voeten van de dieren las hij een uurtje, dan boog hij zich over de boeken om (nu eindelijk) de taal van het land te leren. Tussendoor was hij door de tuin gegaan. Onkruid kreeg geen kans meer, daar waar het niet gewenst was.
Na het taaluurtje tekende of schreef hij tot aan de lunch. Alleen de middag varieerde van dag tot dag. De avonden waren niet minder veranderlijk. Soms zat hij even te genieten van zijn omgeving. Over het algemeen was hij in beweging. Bezig. Bezig met van alles. En altijd onder het genot van de rust. Zelfs het gebed, vanaf de moskee gesproken, stoorde hem niet. Geluid hier was anders. Het praten van de buren, het passeren van verkeer. Hier klonk het aangenaam. De eerste weken dacht hij bij vrijwel iedere auto dat deze het pad naar hun woning was opgedraaid. Geluid klonk ver weg en toch ook zo nabij. Het gevoel of hij levend in de hemel gekomen was. De dagen kende hij niet meer, tijd was niet van belang. Toch was iedere dag anders. Dit was de plaats waar hij oud wilde worden. Deze omgeving omarmde hem.
Gezeten op een grote kei, achter op het land, mijmerde hij over zijn geluk. Het geluk wat hij zo lang gezocht had, en nu, juist door het ongeluk, op zijn pad was gekomen. Zachtjes streelden vingers door zijn haar. Van zijn haar naar zijn rug. Hij opende de ogen, draaide het hoofd schalks naar op zij. Geruisloos was zij naast hem komen zitten. De kers op de pit van zijn geluk; zijn vrouw. En samen, innig omarmd zaten zij daar, tevreden en gelukkig tot ook die dag de zon achter de bergen onderging en de sterren de hemel vulden.
maandag 1 juni 2015
In de vreemde: Thuis (40)
Thuis. Het gevoel van thuis, thuis zijn. Het ultieme nest gevoel; dit is míjn plek. Ik merk dat ik dat ene stukje nog niet heb. Ik voel me hier wel thuis, ik woon hier voor een deel, maar ik ben hier nog niet thuis. En nu, na al die maanden, weet ik waarom. Raar, dat je daar niet zo maar bij stil staat.
De afgelopen periode heb ik veel pijn gekend. Stevige pijnen, waarbij ik af en toe half gek werd en totaal niet wist hoe ik mij moest houden. Lopen, zitten, liggen. Afwisseling en veel pillen. Langzaam nam de pijn toe. In frequentie en in hevigheid. Nu zitten we erg veel buiten en bemerkte dat de kussens van onze (overigens goede) tuinstoelen wel erg oud worden. We hebben nu allebei een goede tuinstoel (die ook in de huiskamer niet misstaat). De rugleuning kan met een zuigveer traploos ingesteld worden. Betere kussens en zo waar, mijn nachten werden beter, de pijn nam af.
Ondertussen hebben we een bed besteld. Niet alleen een matras, maar ook een goede bedbodem. Al een poosje zeur ik daarom. Nu kunnen we het even betalen en we hebben (net als we in Nederland hadden) Tempur besteld.
Eindelijk ging het lichtje aan. Sinds ins vertrek heb ik eerst op een luchtmatras geslapen en sindsdien slapen we op foam matrassen, op de grond. Ik laat mij in het bed ploffen en met moeite kom ik weer overeind. Slapen is niet erg denderend. Wat wil je, we hebben destijds dertig euro per matras betaald. Het matras is dus belangrijk. Nog belangrijker is het bed. Niet meer slapen op de grond, maar op "gewone" hoogte. En dat is exact wat er aan ontbrak om hier het thuis gevoel te hebben. Vreemd dat zoiets materieels van zo een groot belang is voor je beleven van welzijn. Misschien daarom, dat ik het volledig had onderschat.
Nu het bed in aantocht krijg ik op voorhand nu ook het thuis gevoel. En dat is een uitermate prettige beleving, dat kan ik een ieder wel zeggen.
Eigenlijk is het vreemd. We zijn nu ongeveer driekwart jaar weg. Ondanks dat het veel langer lijkt, zijn we ook al allebei naar Nederland geweest. Exact genomen zijn we dus nog korter uit Nederland. Toch zijn we hier genesteld. Al is deze woning nog niet ideaal en wachten we popelend op het feit dat we de woning in de bergen kunnen betrekken, we voelen ons hier goed. Het leven is anders dan in Nederland, wat een open deur is natuurlijk. Toch zijn er veel parallellen. Ik teken en schilder dagelijks, schrijf, volg Facebook, enzovoort. We doen de boodschappen, de regeldingen, op zich niet veel anders. En toch ook weer heel erg anders. We hebben het "Turks druk"... We vullen onze dagen. De tv ontbreekt. Nog wel. We missen hem niet, maar soms is het toch lekker een DVD op te kunnen zetten. In plaats van de tv lezen we nu allebei veel. Vooral nu we zo'n E-boek hebben. Aanvankelijk was ik daar zwaar op tegen, echter inmiddels ben ik "verkocht". Het is heerlijk, het is makkelijk en ik heb nog zo'n 250 titels op voorraad. Maar net als teveel tv, gaat ook teveel lezen saai worden. Afwisseling lijkt dus zeer welkom.
Ik merk ook, dat het keven hier veel afwisseling kent. Dat was in Nederland al, hier wellicht nog meer. Ook geheel anders natuurlijk, maar ik ben er van overtuigd dat de afwisseling hier een veelvoud is van de afwisseling, welke wij in Nederland hadden. Het gekke is dat je het je nauwelijks realiseert. Dat heeft te maken met het thuis gevoel. We zitten in een bepaald ritme, vullen onze dagen divers en actief. Ter vergelijk onze buren, een Zweeds echtpaar. Hun dagen zijn allen vrijwel het zelfde. Samen ontbijt, puzzelen en handwerken in de zon, zonnen, lunch, zonnen, beetje rommelen, borreltje, internet, koken, eten, drinken, rommelen, slapen. De intermezzo's (bijvoorbeeld logees) passen in dit patroon, of worden in dit patroon opgenomen. Deze mensen blijven een soort toerist. Wij zullen allebei helemaal gestoord worden van zo een leven. Daar zijn wij te actief voor, te avontuurlijk, te creatief. Soms worden we moe van onze eigen ideeën. Dat maakt ook dat we hier niet leven als toerist of ex-path. Ons leven is redelijk Turks, wat mede inhoudt dat er dagelijks nogal wat onverwachtheden op ons pad komen. Mensen die langs komen, mensen die je tegen komt, zaken die altijd weer anders lopen en geregeld moeten worden. En hoe actiever je wordt des te langer is ook het wachten een onderdeel van de dag. Wachten is hier een soort tweede natuur. Het is echter wel, dat wachten hier ook een activiteit is. Inmiddels begrijp ik ook waarom je overal thee krijgt.
Wanneer je niet teveel kijkt naar de verschillen, is het leven niet veel anders. Dat maakt dat ik mij hier goed voel en voor een groot deel dat thuis gevoel wel al heb. Maar het echte, het volkomen thuis gevoel, dat gaat er nu ook aan komen en ligt, hoe simpel kan het zijn, aan een bed.
Een groot verschil met Nederland is het landschap en het land. Dat verschil maakt me ook zo gelukkig. Natuurlijk, toen ik nog in Rotterdam werkte genoot ik ook iedere dag van het Groene Hart, alwaar ik of stapvoets of met honderd kilometer per uur aan voorbij ging. Maar hier, iedere keer verwonder ik mij. De grootsheid van de bergen, de ruwheid, de diversiteit van de flora. Vooral door hier langer te zijn zie je de afwisseling en rijkdom van de flora. Maar ook de loslopende kippen in het dorp, de geiten langs de snelweg, schildpadden op de weg de bergen in en de koeien voor Fethiye. Je wordt hier steeds geconfronteerd met de natuur, in de breedste zin van het woord. Ik kan daar intens van genieten, zoals ik intens geniet van een keiweg omhoog, inplaats van de strak geasfalteerde A4. Allemaal aspecten waardoor ik het gevoel heb hier op mijn plaats te zijn. En gek genoeg, ik mis ook eigenlijk niks. Hooguit contacten. Contacten met vrienden, kennissen en familie. Aan de andere kant zijn hier nieuwe kennissen en nieuwe vrienden. Dat laatste moet zich nog bewijzen, maar de ingrediënten zijn aanwezig. Overigens niet dat dit iets af zal doen aan het gemis van mijn vrienden. Het feit is dat ik niet te veel stil sta bij het gemis en vooral uitkijk naar het weerzien. En wat is dat anders dan in Nederland? Hooguit de frequentie...
Nog een aantal nachtjes slapen, maar dan wordt het geleverd; onze Tempur bedden. En dan, dan is het thuis gevoel kompleet. Dan voel ik mij hier echt thuis. Hoe warm het die dag ook zal zijn, ik overweeg een hele dag van mijn bed te genieten en het thuisgevoel te omarmen. Wat heerlijk. Thuis!!!
De afgelopen periode heb ik veel pijn gekend. Stevige pijnen, waarbij ik af en toe half gek werd en totaal niet wist hoe ik mij moest houden. Lopen, zitten, liggen. Afwisseling en veel pillen. Langzaam nam de pijn toe. In frequentie en in hevigheid. Nu zitten we erg veel buiten en bemerkte dat de kussens van onze (overigens goede) tuinstoelen wel erg oud worden. We hebben nu allebei een goede tuinstoel (die ook in de huiskamer niet misstaat). De rugleuning kan met een zuigveer traploos ingesteld worden. Betere kussens en zo waar, mijn nachten werden beter, de pijn nam af.
Ondertussen hebben we een bed besteld. Niet alleen een matras, maar ook een goede bedbodem. Al een poosje zeur ik daarom. Nu kunnen we het even betalen en we hebben (net als we in Nederland hadden) Tempur besteld.
Eindelijk ging het lichtje aan. Sinds ins vertrek heb ik eerst op een luchtmatras geslapen en sindsdien slapen we op foam matrassen, op de grond. Ik laat mij in het bed ploffen en met moeite kom ik weer overeind. Slapen is niet erg denderend. Wat wil je, we hebben destijds dertig euro per matras betaald. Het matras is dus belangrijk. Nog belangrijker is het bed. Niet meer slapen op de grond, maar op "gewone" hoogte. En dat is exact wat er aan ontbrak om hier het thuis gevoel te hebben. Vreemd dat zoiets materieels van zo een groot belang is voor je beleven van welzijn. Misschien daarom, dat ik het volledig had onderschat.
Nu het bed in aantocht krijg ik op voorhand nu ook het thuis gevoel. En dat is een uitermate prettige beleving, dat kan ik een ieder wel zeggen.
Eigenlijk is het vreemd. We zijn nu ongeveer driekwart jaar weg. Ondanks dat het veel langer lijkt, zijn we ook al allebei naar Nederland geweest. Exact genomen zijn we dus nog korter uit Nederland. Toch zijn we hier genesteld. Al is deze woning nog niet ideaal en wachten we popelend op het feit dat we de woning in de bergen kunnen betrekken, we voelen ons hier goed. Het leven is anders dan in Nederland, wat een open deur is natuurlijk. Toch zijn er veel parallellen. Ik teken en schilder dagelijks, schrijf, volg Facebook, enzovoort. We doen de boodschappen, de regeldingen, op zich niet veel anders. En toch ook weer heel erg anders. We hebben het "Turks druk"... We vullen onze dagen. De tv ontbreekt. Nog wel. We missen hem niet, maar soms is het toch lekker een DVD op te kunnen zetten. In plaats van de tv lezen we nu allebei veel. Vooral nu we zo'n E-boek hebben. Aanvankelijk was ik daar zwaar op tegen, echter inmiddels ben ik "verkocht". Het is heerlijk, het is makkelijk en ik heb nog zo'n 250 titels op voorraad. Maar net als teveel tv, gaat ook teveel lezen saai worden. Afwisseling lijkt dus zeer welkom.
Ik merk ook, dat het keven hier veel afwisseling kent. Dat was in Nederland al, hier wellicht nog meer. Ook geheel anders natuurlijk, maar ik ben er van overtuigd dat de afwisseling hier een veelvoud is van de afwisseling, welke wij in Nederland hadden. Het gekke is dat je het je nauwelijks realiseert. Dat heeft te maken met het thuis gevoel. We zitten in een bepaald ritme, vullen onze dagen divers en actief. Ter vergelijk onze buren, een Zweeds echtpaar. Hun dagen zijn allen vrijwel het zelfde. Samen ontbijt, puzzelen en handwerken in de zon, zonnen, lunch, zonnen, beetje rommelen, borreltje, internet, koken, eten, drinken, rommelen, slapen. De intermezzo's (bijvoorbeeld logees) passen in dit patroon, of worden in dit patroon opgenomen. Deze mensen blijven een soort toerist. Wij zullen allebei helemaal gestoord worden van zo een leven. Daar zijn wij te actief voor, te avontuurlijk, te creatief. Soms worden we moe van onze eigen ideeën. Dat maakt ook dat we hier niet leven als toerist of ex-path. Ons leven is redelijk Turks, wat mede inhoudt dat er dagelijks nogal wat onverwachtheden op ons pad komen. Mensen die langs komen, mensen die je tegen komt, zaken die altijd weer anders lopen en geregeld moeten worden. En hoe actiever je wordt des te langer is ook het wachten een onderdeel van de dag. Wachten is hier een soort tweede natuur. Het is echter wel, dat wachten hier ook een activiteit is. Inmiddels begrijp ik ook waarom je overal thee krijgt.
Wanneer je niet teveel kijkt naar de verschillen, is het leven niet veel anders. Dat maakt dat ik mij hier goed voel en voor een groot deel dat thuis gevoel wel al heb. Maar het echte, het volkomen thuis gevoel, dat gaat er nu ook aan komen en ligt, hoe simpel kan het zijn, aan een bed.
Een groot verschil met Nederland is het landschap en het land. Dat verschil maakt me ook zo gelukkig. Natuurlijk, toen ik nog in Rotterdam werkte genoot ik ook iedere dag van het Groene Hart, alwaar ik of stapvoets of met honderd kilometer per uur aan voorbij ging. Maar hier, iedere keer verwonder ik mij. De grootsheid van de bergen, de ruwheid, de diversiteit van de flora. Vooral door hier langer te zijn zie je de afwisseling en rijkdom van de flora. Maar ook de loslopende kippen in het dorp, de geiten langs de snelweg, schildpadden op de weg de bergen in en de koeien voor Fethiye. Je wordt hier steeds geconfronteerd met de natuur, in de breedste zin van het woord. Ik kan daar intens van genieten, zoals ik intens geniet van een keiweg omhoog, inplaats van de strak geasfalteerde A4. Allemaal aspecten waardoor ik het gevoel heb hier op mijn plaats te zijn. En gek genoeg, ik mis ook eigenlijk niks. Hooguit contacten. Contacten met vrienden, kennissen en familie. Aan de andere kant zijn hier nieuwe kennissen en nieuwe vrienden. Dat laatste moet zich nog bewijzen, maar de ingrediënten zijn aanwezig. Overigens niet dat dit iets af zal doen aan het gemis van mijn vrienden. Het feit is dat ik niet te veel stil sta bij het gemis en vooral uitkijk naar het weerzien. En wat is dat anders dan in Nederland? Hooguit de frequentie...
Nog een aantal nachtjes slapen, maar dan wordt het geleverd; onze Tempur bedden. En dan, dan is het thuis gevoel kompleet. Dan voel ik mij hier echt thuis. Hoe warm het die dag ook zal zijn, ik overweeg een hele dag van mijn bed te genieten en het thuisgevoel te omarmen. Wat heerlijk. Thuis!!!
dinsdag 12 maart 2013
Reerug of hertenbiefstuk
![]() |
| damhert |
De regio is vol over de
overlast van herten. In hoeverre het woord overlast van toepassing is, is de
vraag. Tegenwoordig heeft de westerse, Nederlandse, mens al snel last van de
natuur. Rond de hertenproblematiek maakt men zich momenteel heel erg druk.
![]() |
| Edelhert |
In
de winter en het vroege voorjaar laaien de discussies het meeste op. In de
duinen zijn te veel hertachtigen en die trekken, om voedsel te zoeken, buiten
hun territoria… de bewoonde wereld in. Ze staan op de rijbaan en lopen zelfs
door onze tuinen. Dat mag niet, want de automobilist dient ongestoord de 50
kilometer per uur vast te houden om zich van A naar B te verplaatsen. Zelf rijd
ik graag wat langzamer en menig nacht heb ik al een poosje stil gestaan, een
kleine roedel gadeslaande. Mij maakt het blij, want de natuur wordt weer
langzaam onderdeel van ons leven. Vanaf de jaren zestig en zeventig zijn we
door tal van oorzaken (allen gelegen bij de mens) vervreemd van de natuur om
ons heen. Typisch een Hollands verschijnsel overigens.
Nu
bestaan er ook een aantal misverstanden. In de media, en op straat spreekt men
van hertenoverlast. In principe heeft men gelijk, maar een nuance is zeker op
zijn plaats. We kennen hier namelijk een drietal ondersoorten: de ree, damhert
en edelhert. Alle drie de soorten hebben redelijk specifieke eigenschappen.
Zeker vanuit het perspectief van de overlast zeer belangrijk.
![]() |
| Ree |
In
de Amsterdamse Waterleidingduinen en het duingebied bij Zandvoort zitten vooral
de edelherten. Ten noorden van de Zeeweg, in Bloemendaal neemt dit aantal af en
in Duin en Kruidberg vindt een vermenging plaats. Dat betekent dat in de
gemeente Velsen vooral sprake is van reeën.
Al
langere tijd zijn de edelherten aanwezig in de Waterleidingduinen. Doordat er geen
natuurlijk vijanden zijn en de omstandigheden goed waren hebben zij zich goed
kunnen vermenigvuldigen. Dat maakte dat de ruimte te beperkt werd en de dieren
gingen op zoek naar nieuw terrein. De ree kwam al wat minder frequent voor en
wordt deels door de edelherten verdreven. Daardoor gaan de reeën richting het
noorden.
Nieuw
is het probleem niet. In de jaren tachtig heb ik al ontmoetingen gehad met
edelherten bij de woningen aan de Hoogenduinendaalseweg in Bloemendaal. Ik geef
toe, dat was zeker even schrikken. Joekelse dieren, en vreselijk snel.
![]() |
| tegenover de ruine van Brederode |
Door
onze bevolkingsdichtheid zijn de wegen in de regio druk. Daarbij hebben wij
nogal wat wegen langs de duinen en door de bossen langs de duinen. Juist de
plaatsen waar je hertachtigen tegen kan komen. Ook de wegen waar een
confrontatie tussen auto en dier nogal eens voor komt. En natuurlijk is verkeersveiligheid een groot
belang. Echter… dat kan op meerdere manieren; het aanpassen van de rijstijl, of
het aanpassen van het dierenbestand. Dat laatste kan door het plaatsen van
goede hekken, of afschieten. Aangezien ons sentiment nog een belangrijke rol
speelt zijn wij tegen het natuurlijke verloop, zoals enkele jaren geleden flink
in het nieuws was bij de Oostvaardersplassen. Dieren stierven in de winter door
gebrek aan voedsel en overbevolking. Dat vonden wij mensen zielig. Het zelfde
geldt in feite in het duingebied. We laten de natuur zijn gang niet gaan, maar
willen deze regelen.
Nu
eens even het verschil. Ik begin daarmee met het damhert. De middelste van de
drie, maar ook het bekendste. De u wel bekende Bambi behoort namelijk tot de
soort van damherten, dezelfde soort die je veel in kinderboerderijen ziet. Dan
is er de ree. De ree heeft een schofthoogte tot ongeveer 67 centimeter. De ree
leeft in kleinen roedels of solitair. Een klein en behendig dier. Een ree kan
heel snel zijn, maar is niet heel erg schrikachtig. Het edelhert daarentegen is
de grootste met een schofthoogte tot wel 140 centimeter. En niet alleen groot,
maar ook zeer snel en behendig. Edelherten heb ik gezien in de strook van
Vogelenzang tot Bloemendaal. Ten noorden daarvan heb ik nog nooit, zelf, een
edelhert waargenomen. Wel zie ik met regelmaat reeën, ten noorden van (globaal)
het oude Velserend en de ruïne van Brederode.
![]() |
| Bambi; Walt Disney |
Beide
diersoorten lijken veel op elkaar. Toch zijn er belangrijke verschillen en zijn
het juist de verschillen die effect hebben op de overlast. Het edelhert kan
hoger springen, is sneller en vele malen schrikachtiger. Het is vooral dan ook
het edelhert wat in aanvaring met gemotoriseerd verkeer komt. Bij reeën komt
dit veel minder voor. Een mooi voorbeeld was een filmpje op Facebook. Een
aantal reeën loopt door Driehuis, over de straat. Ze rennen wel, maar voor de
auto uit. Een edelhert had allang gemaakt weg te zijn en gaat zeker niet voor
een auto uit lopen.
Wat
mij opvalt is dat veel observaties erg subjectief zijn. Dat komt door
onwetendheid en geen verstand van de natuur te hebben. Dat maakt wel dat de
zogenaamde overlast van herten groter gemaakt wordt dan de realiteit. Bovendien
spreek ik niet van overlast, maar van het samen delen van een stukje aarde. En
wij mensen zijn van mening dat alles en iedereen met ons rekening moet houden.
Je weet, dat wanneer je in de avond of nacht in de regio rijdt er een risico is
een hert te signaleren, dus ook op je auto te krijgen. Rijdt dus eens iets
rustiger! Laat de dieren leven en hun habitat zoeken, verdedigen en vormen. Ga
ook eens stil staan en kijk eens hoe deze dieren in het donker op, of naast, de
weg staan. Geniet er eens van, in plaats van er constant over te zeiken.
Ach,
en als wij echt weer meer natuur willen, dan moeten we de wolf naar de duinen
halen; de natuurlijke vijand van het hert. Maar goed, bij dat idee stuitert
half de Randstad… Dus laten we onze ranke viervoeters maar eens wat meer
koesteren, in plaats van het geweeklaag
over hun aanwezigheid.
Kleine rectificatie: het betreft hier damherten in de regio. Edelherten komen hier niet voor. Wel zijn deze op en rond de Veluwe aanwezig. Ondanks dat ik zelf geen damherten heb waargenomen in ons dorp, zijn er wel waarnemingen. De waarnemingen van mijzelf, en die ik via social media heb gezien in Driehuis betreffen wel alleen reeen, in plaats van damherten. De IJmuider Courant roept beeldmateriaal op over reeen en herten in de regio. Ik hoop dat hier ook beeldmateriaal van het damhert tussen zal zitten.
Abonneren op:
Posts (Atom)





