donderdag 2 januari 2020

Hardleers 2020


Nu gaan we er vanuit dat wij een intelligente diersoort zijn, maar in feite valt dat best mee. En vooral, wat is ons soort toch verdomde hardleers.
Een nieuw jaar staat geheel open voor ons. Goed, op drie dagen na, want de jaarwisseling ligt weer achter ons en langzaam pakt een ieder weer het normale leven op. De feestdagen zijn achter de rug. Het was weer gezellig, of juist niet, maar de rest vervalt alweer snel in de vergetelheid. Een goede reden om komende jaarwisseling weer te vervallen in de herhaalde discussie, welke ook afgelopen keer weer een herhaling was van de vorige.
Velen zijn druk bezig met het milieu en vooral het klimaat. Politiek spreekt erover, de jeugd gaat de straat op en vele nuances zitten er tussen. De ruime meerderheid realiseert inmiddels dat het niet de goede kant op gaat met moedertje aarde, evenmin met ons soort. De populistische klimaatontkenners krijgen nog steeds veel ruggensteun. Niet zozeer gestoeld op de ontkenning als wel het feit dat men er zelf geen flikker aan wil doen. In feite wordt de westerse mens steeds anti-socialer. Let wel, hier wordt niet gezegd: asociaal, maar antisociaal. Men gedraagt zich uitermate sociaal, maar dan wel waar het zichzelf enigszins uitkomt. Een schitterend (triest) voorbeeld hiervan is dat wanneer je kijkt naar de gemiddelde mening van de mens over klimaat en dierenliefde is het niet te rijmen dat afgelopen jaarwisseling weer meer dan 10% meer vuurwerk is verkocht (€ 77 miljoen!). Dat de traditie vervuilend is, tot zeer veel overlast leidt en slecht is voor het welzijn van dieren, wordt breed onderschreven, maar toch wil ieder zijn eigen pijltjes de lucht in gooien. Tot een algemeen vuurwerkverbod komt het maar niet, want immers de traditie moet overeind blijven. Met de traditie van Zwarte Piet nemen we het minder nauw, daar er inmiddels steeds meer Roetveeg Pieten rondhuppelen. De traditie wordt, lijkt wel, meer aangewend om het eigen belang (bedachte algemeen belang) na te streven, dan dat hier een algehele filosofie achter zit.
Misschien moet in 2020 het algemeen afsteken toch maar in de gehele breedte verboden gaan worden. Het brengt zoveel schade en ellende. Wel lijkt het zinvol alternatieven te bieden. Je zou per woonkern een centraal vuurwerk kunnen organiseren. Per woonkern een pot neerzetten, waar men geld in kan doneren wat de omvang van de show gaat bepalen. De overheid mag dit alles verder wel organiseren natuurlijk, maar met een veel lagere inzet van hulpdiensten mag dat budgettair geen negatieve post opleveren.
De overlast beperken. Maar ook beter voor het milieu en het klimaat, waarbij men toch het feestje behoudt. Alhoewel, er is nog een groep waar mee gekampt wordt. Letterlijk. De jongeren en adolescenten. Voorbeeldje; Den Haag. Maar ook de brand in de flat, waarbij vier mensen in een flat vast kwamen te zitten, met alle ellendige gevolgen van dien. Wat heeft de jeugd weer een grote post schade aangericht. En volkomen nutteloos. Wat zegt dat over de jeugd? Wel, de neiging bestaat om vooral af te vragen wat het over de ouders zegt… Het gedrag van 14 en 15 jarige wat de spuigaten uitloopt. Daar mag je de ouders toch niet aan voorbij lopen? Tuurlijk wel. Ouders moeten werken, hebben het druk en zijn, net als de rest; antisociaal. Kinderen worden net zo en langzaam mag de jeugd meer ontsporen. Het gedrag van de adolescenten is dan ook geheel verklaarbaar. De jeugd mag wel weer eens harder aangepakt worden. Op school, op de club, maar vooral thuis. Wanneer we in 2020 hier nu eens aan gaan werken én het vuurwerkverbod gaan instellen, dan kan de volgende jaarwisseling eens wel beter verlopen. In tal van opzichten. Maar goed, velen zullen (vanuit eigenbelang) deze woorden natuurlijk onderschrijven en vervolgens diep in een prullenbak stoppen. Leuk voor een fikkie….

vrijdag 8 november 2019

Strand

In mijn jonge jaren togen wij strandwaarts op de fiets, zwetend door de duinen. In principe werden hier zonnige zomerse dagen voor uitgekozen, alhoewel het grillige Hollandse weer regelmatig onverwacht roet in het eten wist te gooien.



Het strandbezoek was telkens weer een onderneming, welke een goede voorbereiding behoefte. De banden werden opgepompt, de pomp en het bandenreparatiesetje diende ingepakt te worden. Handdoeken, het plastic emmertje, de nodige versnaperingen en zonodig een windscherm. Bepakt en beladen trapten we de Naaldkerk voorbij. Voor mijn gevoel was het naar de ingang van het duingebied al een stevig eind trappen. Duin en Kruidberg vermeldde het bordje, genaamd naar het naastgelegen buitengoed. Een stukje recht, langs een klein agrarisch veldje, scherp naar rechts en alras met een zelfde hoek van 90 graden naar links. Daar begon het echt. Onder de hoge en statige beukenbomen. Bij terugkeer werd hier later kort geparkeerd om het welkome water uit het fonteintje te drinken. Soms was mijn behoefte op de heenweg al een korte adempauze in te lassen.

Dan begon de tocht echt. Langzaam ging het loof over in naaldbomen en het typische, wat kale, duingebied. De verharding van het pad veranderde even zo ongemerkt in een mul schelpenpad. Dan kwamen de eerste duinen. Het pad maakte een bocht om de helling van de klim minder stijl te laten verlopen. Vol vaart en met alle kracht poogde ik de top van de duin als pedalerend te behalen. Zeer regelmatig een hopeloze poging, naarmate ik meerdere lentes telde echter wel met een toezend gemak. De eerste duin wist ik al snel de baas te zijn, maar de volgende toppen behaalde ik lopend en hijgend met de fiets in mijn hand. Er waren minstens drie van die duinen, die "genomen" moesten worden vooreer de laatste duin bereikt was. Mijn jeugd was nog voor de grote konijnenziekte. Overal wipten de witte kontstaartjes als kleine balletjes weg. Konijnen zag je altijd, herten waren een zeldzaamheid. Soms kon je een vos, op grote afstand, waarnemen.de reis tot de laatste duin heb ik altijd ervaren als een marteling van het kleine kind, echter blij wanneer de stalen ros tegen het dennenhouten hek gezet kon worden om vervolgens gebogen onder alle bagage die laatste barricade lopend aan mijn wil te onderwerpen. Wegglijdend door het mulle zand bereikte ik de top waarop mijn stemming direct omsloeg in een ondefinieerbaar gevoel van genot. Het strand van Santpoort lag vrijwel precies tussen Bloemendaal aan Zee en het strand van IJmuiden. Een ondefinieerbaar stukje strand, waar plots een tal van handdoeken en windschermen uitgestald waren. Enige voorzieningen ontbraken. Het deerde ons niet. Met het emmertje toog ik naar de rand van de zee om krampachtig vele emmertjes te vullen in de irreële drift de zee tegen te houden. Meegebrachte Dinky Toys werden ingezet op de in zand aangegeven wegen.

Niet zonder weemoed gaan mijn gedachten soms terug naar mijn kindertijd. Vreugde en verdriet wisselden elkaar continu af. Afzien en genieten. Tegenwoordig hoef ik niet af te zien het strand te bezoeken. Ondanks dat het oude stukje strand weinig door verandering is aangetast is de wereld veranderd. Richting de kim zijn met een goed oog tientalle windmolens te ontdekken. Grote tankers liggen in een groep te wachten de sluizen te mogen passeren... Hè, de tankers zijn weg. Het strand van IJmuiden komt steeds naderbij dat verlaten strandje van Santpoort. Sinds de zuiderpier verlengd is groeit het strand. Toch, verder lijkt er weinig veranderd. En dat na zo'n 50 jaar. De wereld zo aanschouwend lijkt alles vredig. Echter, bij het verlaten van het strand overrompeld alle drukte mij, lawaai, het volle land. De konijnen zie ik niet meer, je struikelt over de herten, rundersoorten of semi wilde paarden. Waar ik ook ben, er is geluid. Achter die duinen realiseer ik mij hoe de wereld langzaam ten onder gaat, vernietigd door de mens. Ondanks de wrede herinnering aan de zomerse fietstochten koester ik mijn stukje strand...

dinsdag 5 november 2019

Kedeng kedeng

Kedeng, kedeng... Vreemd eigenlijk, de overheid probeert mensen in de trein te kletsen en de NS maakt het weer duurder. Nu door de dalurenkaart voor de avondspits hiervoor uit te sluiten. En dat juist ten tijde van de milieudiscussies en het toenemende begrip inzake de klimaatopwarming. Een aantal reizigers geeft aan de auto te gaan pakken. Geweldig! Niet dus. Goed, de treinen in de spits schijnen overvol te zijn. Mooi toch, dat steeds meer mensen de trein nemen? Blijkbaar kan de NS die drukte niet aan. Ze maken de treinen langer en de treinen rijden toch ook veel intensiever. Dat allemaal is niet genoeg dus. Misschien is de infrastructuur te beperkt. Eigenlijk is het allemaal vaag, maar dat los je mijns inziens niet op door de kaartjes duurder te maken. Immers, door de korting van 750000 af te nemen wordt de trein duurder. En dan te bedenken dat het kaartje voor de NS al het duurste van Europa is. Dan wel hoog in de top staat. Ik zie hier een tegenstelling van belangen in. We moeten uit de auto, maar worden onvoldoende de trein, het openbaar vervoer, ingelokt.
Laatst was ik van Haarlem met de trein naar Den Bosch gereisd. Dat ritje, op een zondag, kostte mij 37 euro. Veel, want voor minder had ik met de auto kunnen gaan. Dus een verkeerd signaal in feite. Daarbij viel mij op hoe vol de treinen waren. Wat dat betreft pakt men de trein duidelijk vaker dan vroeger. En dat ondanks de lange reistijd. Heen kostte het me drie uur, terug ruim twee uur. Met de auto ben je er met ruim een uur. Ondanks in feite het niet stimuleren met het openbaar vervoer te reizen, doe ik (en vele anderen) het toch. Belangrijk voor het milieu en een bescheiden bijdrage tegen de klimaatopwarming.
Vermoeiend hoor, dat hele klimaat gedoe. Stikstof, PFAS, asbest, fijnstof, CO2, plastic, noem maar op. Daar moeten we met z'n allen iets aan doen. Ieder individu, maar de overheid heeft hier ook haar verantwoordelijkheid in! En daar rammelt het aan alle kanten. Ja, de treinen zijn vol, maar in feite is dat een goed signaal. Daarbij moet je doorpakken. En wanneer er niet meer treinen bij kunnen moeten andere maatregelen getroffen worden. Als politicus heb ik ooit een voorstel gedaan voor een lightrailverbinding. Is er niet door gekomen. Toch zou de overheid meer moeten en kunnen met andere vormen van openbaar vervoer. Meer lightrail, vooral regionaal. In deze regio is het R-net, snelle en frequente busverbindingen. Uitbouwen die handel. En meer creativiteit brengt ook meer (goede) oplossingen. Ook zou het openbaar vervoer goedkoper moeten. Gratis, of bijna gratis, zou ideaal zijn. Misschien paradoxaal, maar die overvolle treinen is in basis een heel goed teken. Ga daarmee aan de slag en jaag de mensen nu niet weer de trein uit!

woensdag 30 oktober 2019

Centenkwestie

Voor zover ik mij kan herinneren was ik een jaar of twaalf, misschien dertien. Helemaal alleen met de trein van Santpoort naar Hilversum, op een zondag. Ik kwam de AVRO studio binnen en was helemaal onder de indruk. Ik was kandidaat voor het radioprogramma "centenkwestie" met Alexander Pola. Zo onder de indruk van die imposante studio nauwelijks luisterend en met acht cent kon ik alweer naar huis.



Een voorbode van mijn leven met geld. Soms bezat ik veel, vaker weinig. Mijn financiële omstandigheid was wisselend en onvoorspelbaar als de zee. Van kalme golven tot grote stormen. Duidelijk mag zijn dat ik op zich niet veel heb met geld en feitelijk daar nooit heb geleerd mee om te gaan. Mijn linkse inslag zal hier zeker debet aan zijn en, nu ik weer even in Nederland ben, lijkt het geld nog meer het leven te beheersen. Zeer zeker ingegeven door de reclame en prijzen in dit land. Zo erger ik mij vreselijk aan de beddenreclame van Hästens. Bedden al (!) vanaf €4699. Of je een broodje koopt. De prijs is natuurlijk behoorlijk hoog. En om zo een bed te kopen heb ik vele maandsalarissen nodig. Maar nee, de reclame doet voorkomen of het een koopje is, wat je zo eventjes aanschaft. Deze reclame stuit heel erg tegen mijn borst, door dat ene kleine woordje. Het valt op dat de hele reclame in Nederland een uitstraling heeft dat iedereen een midden inkomer is, dan wel iemand met een topinkomen. De realiteit is echter dat een steeds grotere groep alleen maar kan kwijlen bij de reclames. Toch zijn er ook reclames die armlastigen aanspreken, ze toehappen en vervolgens financieel in de problemen komen.

Waarom is Nederland zo duur en waarom zijn er overal financiële drempels? De zorg is duur en het verzekeren voor de zorg exorbitant duur. Betaal je hier honderd euro premie per maand, in België (bijvoorbeeld) betaal je driehonderd voor een heel jaar. En dan betaal je hier ook nog een zeer hoge eigen bijdrage. Afgelopen weekend deed ik een retourtje Haarlem - Den Bosch. Dat was bijna veertig euro! Blijkt Nederland vrijwel het duurste land van Europa te zijn betreffende OV prijzen. Maar onderwijs en zorg krijgen onderbetaald voor hard werken. Überhaupt gaat er te weinig geld naartoe. Boeren en bouwers protesteren. Regels en geld...  Wat is er aan de hand in Nederland?



Het lijkt wel of de Nederlandse politiek het braafste jongetje van de klas wil zijn en ze met angst regeren voor het economisch belang. Het individuele belang lijkt amper meer te bestaan en het verschil tussen de onderlaag en de bovenlaag groeit verder. Ja, die betalen wel voor een Hästens. Alsof de wereld bestaat uit "altijd maar meer". Kom, we hebben het goed. Het kan best wat minder allemaal en zeker anders. Weg met die tweede auto, openbaar vervoer, maak het gratis. Even terug in Nederland en ik merk weer dat ik eigenlijk heel erg links ben, want er rammelt toch wel heel veel in dit land...

maandag 21 oktober 2019

Orgaandonatie

Orgaandonatie... Een half miljoen Nederlanders heeft hun voorkeur bekend gemaakt, miljoenen dus niet... Niet? In mijn leven heb ik inmiddels een keer of vier aangegeven wat mijn idee hierover heb. Ja, mij mogen ze leeg halen, wanneer mijn afgeleefde lichaam nog iets te bieden heeft voor een ander. En ja, ik heb er dus ook over nagedacht. Waarom zou ik überhaupt bezwaar hebben? Maar in feite gaat het mij daar nu niet om.

Het is uitstekend om na te denken aan de dood en ook de dood niet te verstoppen, maar als onderdeel van het zijn hier te zien. Dat betekent dat ik regelmatig met de dood bezig ben. Mijn angst van vroeger is nu een zekere rust en bezinning geworden. Wel heb ik soms angst voor het moment voor het overlijden. Dat lijkt me eng, alhoewel het er ook aan ligt hoe je sterft. Wat ik hier met name als probleem ervaar is dat ik nu voor de zoveelste keer aan moet geven wat ik wil. En dat omdat regels en wetten steeds veranderen. De burger is de dupe van de twijfelende overheid. Een dansend beleid. Eigenlijk een vorm van slecht beleid, dan wel het ontbreken van visie en zeker toont aan hoe politiek per periode afhankelijk is van de regerende partijkleur. Het toont mij hoe slecht politiek in staat is consistent beleid te voeren en zeker dat zij zich onvoldoende verdiept in materie.

In feite zie je dat nu veel breder. Neem de stikstof problemen, jeugdzorg, die onder water komt te staan en het onderwijs wat ook al helemaal uitgehold wordt als een pompoen voor Halloween. Door een man die naar de Raad van State is gelopen ligt Nederland plat en zijn de boeren boos. Maar neem nu eens het boerenleven. Iedere keer nieuwe regels en telkens allerlei veranderingen, die de boeren ook nog veel geld kosten. Tuurlijk zorgt de veehouderij voor een groot deel van de stikstof uitstoot. Maar bij de oplossing, die door de regering aangeboden wordt zou ik ook boos worden... En dan het kettingreactie de bouw. Nou ligt dat stil, dus gaat ook de bouw in protest. Vervolgens komt het nieuws over de jeugdzorg. Vreemd,mee meeste organisaties werken in meerdere gemeentes. Dan is die decentralisatie toch debiel van de overheid en ondertussen ook bezuinigen. Verpleegkundigen beginnen zich ook te roeren, maar het onderwijs blijft (terecht) ook op de barricades.

Met al deze genoemde dingen lijkt iets op te vallen. In algemene zin weet de overheid de economie gezond te maken, maar dat lijkt ten koste te gaan van de "zachte" sectoren. Daar gaat immers van alles mis. Daar wordt (werd) bezuinigd. Er komen allerlei rare wetten, maar de politie heeft substantieel mankracht te kort om te handhaven. Het lijkt wel of de overheid de weg wat kwijt is, en alleen maar bezig is met de "grote" economische belangen. Zorg en aandacht voor de burger lijkt ver weg, dan wel gepoogd in slechte wetten te vatten. Wellicht kom ik wat cynisch over, maar wanneer je een beetje nadenkt..., dan kan je toch niet anders?

Okay, ik had een huis van ruim zes ton, moest het verkopen en kreeg 3,5 ton, terwijl het nu ruim 8 ton waard schijnt... Ik wil niet zeiken, maar de overheid (en banken) hebben mij aardig te pakken gehad... In feite ben ik ruim vier ton kwijt. Met alle ellende en dan zit de overheid in je nek te hijgen om allerlei belastingen te betalen. Ja, die hele optelsom maakt wat cynisch en als ik dan ook nog voor de zoveelste keer aan moet geven wat ze na mijn dood met mijn lijf moeten... Maakt mij dat wel erg moe. Ach, ze zoeken maar uit wat ze met m'n lijk doen. De familie weet dat ik dan te geef ben...

donderdag 3 oktober 2019

Buitenlander in Turkije

Buitenlanders in Turkije worden gediscrimineerd! Om te beginnen heeft onze auto een "buitenlanderskenteken". Iedereen kan zien dat wij geen Turkse nationaliteit hebben door de lettercombinatie van een M met een tweede letter (MG, MB, MA, etc.). Dit aparte kenteken heeft geen enkele meerwaarde. We betalen evenveel belasting, verzekeringspremies, etc. Officieel mag een persoon met de Turkse nationaliteit niet in onze auto rijden. Maar, voor de politie zijn de nummers goed zichtbaar en soms zie je dat de controles ook scherper zijn op auto's met een dergelijke lettercombinatie.
Maar de discriminatie gaat verder. Als buitenlander kan je geen abonnement nemen op internet, of mobiele telefoon! Enige uitzondering is wanneer er sprake van een vaste telefoonaansluiting. Dan kan een abonnement wel en ook via die lijn is een internet abonnement af te sluiten.

Wij wonen vrij afgelegen. Geen telefoonnet, geen directe buren. Kortom, we zijn erg afhankelijk van mobiele telefoon en internet. Dat kan dus alleen prepaid. Voor je mobiel neem je dan een pakket. Dat is relatief duur en een maand geldig. Wanneer je verbruik op is, of de maand is voorbij (en je hebt nog een hoop over) ben je alles kwijt. Niet eerlijk!
Voor internet zijn we afhankelijk van een box. Via Turkcell hebben we een VinWiFi. Een klein kastje waarmee het signaal uit de lucht gepikt wordt. Het is relatief traag, erg duur en je kan amper zien wat er nog aan GB's op staat, waardoor er regelmatig geen internet is. Daarbij wordt de code nogal eens gekraakt. Zo hadden we een dag, dat we de VinWiFi niet gebruikt hadden en er was 8 GB verdwenen. Bleek dat de medewerkers van de Turkcellwinkel de code hadden ingevoerd (en wellicht voor zichzelf genoteerd). Belangrijk dus om de code aan te passen en zeker niet in de winkel te tonen aan personeel.
Er is ook een goede en snelle oplossing; Superbox (ook van Turkcell). Een goede en snelle verbinding, maar alleen te krijgen via... abonnement. Dus, we proberen via een persoon met de Turkse nationaliteit zo'n box te krijgen. Lukt ook al niet, want we hebben officieel geen bereik. Bullshit, want we hebben het getest en het bereik hier is perfect. Op dit moment gebruik ik mijn mobiel als hotspot, zodat ik toch even op mijn laptop kan. Inmiddels word ik er wel erg moe van.

Een ander probleem. De PTT. Waar wij wonen is inderdaad een beetje afgelegen. Toch is het adres duidelijk en moet toch bekend zijn. Maar de post kan ons niet vinden. Zo moest ik recent mijn ikamet (nieuwe verblijfsvergunning) ontvangen. Via posttracking kon ik het volgen, tot er een berichtje was dat ze ons niet thuis getroffen hadden. Pure onzin, want juist die dagen waren wij de hele dag thuis! Ze zijn gewoon niet langs geweest. Ik moest daarom 40 km verderop mijn pasje halen. Maar ook de code voor de Europese verkiezingen heeft mij nooit bereikt waardoor ik mijn stem uiteindelijk niet heb kunnen uitbrengen (de wijze waarop ik het wel heb gedaan is ongeldig verklaard).

Drie zaken, waar je als buitenlander in Turkije mee geconfronteerd wordt, die je duidelijk maken dat je "anders" bent, want een Turk ontvangt wel altijd zijn (belangrijke) post!

dinsdag 6 augustus 2019

vriendschap een illusie?




25 augustus 2019 verblijven wij 5 jaar in Turkije. Destijds vertrokken met auto en aanhanger, drie honden, een kat, en een minimum aan huisraad. Een economische vlucht uit ons eigen land, om toch een enigszins menswaardig bestaan te kunnen leiden.
Dat is gelukt. Nu vijf jaar verder, in onze derde Turkse woning, hebben we alles redelijk op orde. Daarnaast een klein appartement in Nederland, waar vooral mijn vrouw zeer regelmatig verblijft. Kijkend naar de Turkse woning, welke wij momenteel huren, geeft dit de indruk dat we rijk zijn. Ja, rijk van binnen, maar niet in de knip. Van die rijkdom genieten we. We hebben er hard voor gewerkt. Er is een zwembad met en mooi terras en de tuin heeft een geweldige uitstraling. Kortom, het mag best een paradijsje genoemd worden, wat wij hier gecreëerd hebben,
En toch ben ik verdrietig. Natuurlijk, het leven in Turkije biedt niet wat onze voorkeuren heeft. We missen cultuur, een stuk gezelligheid en afwisseling. Desalniettemin is dat niet wat mij verdrietig maakt. Er speelt een liedje door mijn hoofd: Vriendschap is een illusie, een pakketje schroot met een dun laagje chroom…van Het Goede Doel, uit 1982.
Sinds wij hier “wonen” zijn er maar weinig mensen, uit Nederland, langs geweest. De dochters, een aanvankelijke kennis (wier vrouw wij met hun eerste komst nog niet eens kenden), die inmiddels wel een vriend geworden is en de vrouw van een ex-collega. Verder een  vriendin, die in Turkije was en even langs geweest is, evenals de ex van mijn vrouw. Maar vrienden, of mijn familie…
Redenen kan ik niet echt verzinnen. En wat ik aan redenen heb vernomen zijn, in mijn ogen, vooral drogredenen.  Om te beginnen, een retourtje Turkije is rechtstreeks en relatief goedkoop (voor 250 euro kan je, met een beetje slimheid, een retour hebben).We halen en brengen van het vliegveld, hier 30 km verderop.  Hier zijn in principe geen extra kosten, wanneer je dat niet wilt, of kan betalen. De genoemde redenen kan ik dan ook niet als plausibel labelen. Meestal zijn het vage reacties of blijft men gehuld in stilte, maar altijd is er een (onderhuidse) sfeer van: bekijk het maar, ik kom niet. Dat doet mij veel pijn. Als vrienden van mijn vrouw mij niet mogen, of omgekeerd, is dat geen reden. Iets dergelijks mag een echte vriendschap niet in de weg staan. In Nederland ga je ook om met de relaties van je vrienden. Een vriend van mij woonde op Curaçao. Ik mocht zijn vrouw niet en het klikte ook niet. Toch ben ik blijven komen. Ik kwam voor hem, niet voor haar. Wanneer ik bij hen was zorgde ik er voor dat het gezellig bleef. Daarbij ben ik van mening dat de relatie van jou vriend absoluut niet ook jou vriend(in) hoeft te zijn. Bij een goed vriendschap accepteer je de partner.
Eén vriendenstel zou komen en hadden het al in hun meer jaarlijkse planning gezet. Nog een jaar, dan zouden ze komen… Het heeft niet zo mogen zijn, daar beiden voordien overleden. Een andere vriend hadden we zelfs een ticket aangeboden… We hebben hem niet gezien. Mijn familie stelt mij evenzeer teleur. Alleen van mijn oudste broer kan ik mij indenken, waarom hij niet komt.
Iedereen is natuurlijk vrij te gaan en te staan waar ze willen, maar wanneer ik hoor dat vrienden wel naar Griekenland gaan of zijn geweest, en soms zelfs Rhodos, hier 100 km vandaan, dan doet dat toch zeer.
Hier hebben wij niemand gezien. Niemand heeft bij ons gelogeerd, niemand  in een logement dicht bij ons (wanneer je het niet prettig vindt bij iemand in huis te zitten). Zon, zee en oude cultuur is hier genoeg. Wandelen en ritten maken is allemaal mogelijk. Allemaal omstandigheden waar men zo graag naar op vakantie gaat en wat men opzoekt. Maar hier blijft het  stil. Mijn verdriet is ook gebaseerd op een forse teleurstelling. Wat stelt familie voor, wat stelt vriendschap voor? Is het echt uit het zicht, uit het hart? Gaan we zo fragmentarisch met elkaar om tegenwoordig? Is vriendschap dan inderdaad een illusie? Heb ik wel vrienden, en is het niet zo dat mijn vrienden mij op de een of andere manier gedogen? Of ben ik zo’n eikel, dat ik wel zo trouw aan vriendschap hecht. Dat ik wel met regelmaat van mij laat horen…  Ik kan er de vinger niet opleggen. Maar dat kutliedje blijft de laatste tijd maar door mijn hoofd spelen. En ja, het zou gewoon heel tof zijn wanneer mijn (onze) vrienden eens langs komen. Hier logeren, of even verderop. Dat ik het gevoel heb dat men mij ook als vriend ziet. Je hoeft elkaar niet iedere dag te bellen of te schrijven, maar laat überhaupt eens wat van je horen uit eigen beweging. Mijn familie is klein. Van een broer hoor ik af en toe wat, maar verder blijft het stil. Mijn neef en nicht laten ook niets horen. Ben ik dan zo een enorme lul? Je zou het haast gaan denken…  Mijn verdriet brengt twijfel. Twijfel in de mens, vooral in hen waarvan je denkt dat ze dicht bij je staan. Vriendschap… inderdaad een illusie?

woensdag 31 juli 2019

verbod op niqab en burka



Per 1 augustus 2019 is het in Nederland verboden in openbare gelegenheden (openbaar vervoer, overheidsgebouwen, scholen, etc.) aanwezig te zijn met een niqab of burka. Met andere woorden; met gezicht bedekkende kleding.
Een verbod, wat nogal tot discussie leidt. Niet geheel onterecht. In principe is deze wet zeer paradoxaal. Enerzijds kennen we de vrijheid van godsdienst, anderzijds willen we weten wie wij tegenover ons hebben. Daarbij zit er ook een vorm van discriminatie in de wet. Ondanks dat het officieel voor alle gezicht bedekkende kleding geldt, betreft het primair de burka en niqab.
Primair ben ik tegen het verbod op deze twee kledingstukken. Vrijheid van godsdienst is een hoog goed en wanneer je hier aan wil tornen, dient het op een dergelijke wijze te zijn, dat het ook daadwerkelijk alle religiën betreft. Toch is het verbod op zich niet het grootste probleem. Er zijn twee aspecten die, mijns inziens, doorslaggevend zijn; islamofobie en een zekere vorm van radicalisme. Zijn we bijvoorbeeld vergeten dat in de jaren 60 van de vorige eeuw katholieke vrouwen ook een hoofddoek droegen? Dat dit wel of niet vrijwillig was heeft destijds nooit ter discussie gestaan. Überhaupt heeft het nooit ter discussie gestaan en is met de opkomende modernisering langzaam verdwenen. Naar mijn mening is de west Europeaan voor een groot deel bang voor de Islam. Het belangrijkste is dat men veel te weinig afweet van de Islam en met de opkomst van het radicalisme de Islam door veel mensen altijd in direct verband wordt gebracht met terrorisme. Een volslagen irreële gedachte. En hoe moeten we dat dan met de rechts extremistische terroristen oplossen? Daar staat toch ook geen bepaald “kenmerk” voor, alhoewel velen wel “rechtsdenkend” zijn. Onbekendheid en slechte informatie liggen in mijn visie aan de basis van dit verbod en de angst van mensen voor de Islam. Een fundamentalist van welke aard dan ook (rechts, links, Joods, etc.) is in mijn ogen altijd een zekere bedreiging. Dan wil niets zeggen over de overgrote meerderheid van mensen die geloven of denken in deze richtingen.
Een ander argument is dat de vrouwen gedwongen deze gezicht bedekkende kleding dragen. Velen beweren echter het tegendeel. Wanneer het dwang betreft, zijn andere maatregelen van toepassing en is een algemeen verbod niet de juiste oplossing. Veel Islamitische vrouwen geven, met de komst van dergelijke verboden, juist aan zelf te kiezen voor deze bedekkingswijze.
Daarmee kom ik op het tweede punt; een zekere vorm van radicalisering. Het gaat hier niet om terrorisme maar om meer orthodox denken. De vrouwen kiezen ervoor uit hun overtuiging, zoals orthodoxe Joden ook kiezen voor een specifieke kledingstijl, welke wij in Nederland in zekere mate kennen van de “Zwarte Kousen Kerk”. Dus moet je in algemene zin religie gerelateerde kleding verbieden, of niet. Dus niet, want een kledingverbod slaat nergens op en is niet te handhaven. De vrouwen die er voor kiezen hebben een zekere orthodoxe inslag.  Dat blijkt ook, daar regelmatig uitspraken gedaan worden als: de wet van Allah is mijn wet, niet de wereldse wet. Wel, daar heb ik moeite mee. Het betreft hier een geloof, een religie. Een geloof is persoonlijk, een religie een samenvoeging van mensen die ongeveer het zelfde geloven. Religie is de uitvoering van het geloof, maar opgetekend en uitgevoerd door mensen. Wanneer je zegt dat de wet van Allah boven de burgerlijke wet staat is dat niet wat Allah heeft opgeschreven, maar wat mensen hebben bedacht vanuit hun geloof in Allah, en wat we nu religie noemen. En dat religie zeer interpretabel is blijkt wel uit de diverse stromingen binnen elke religie. Je hebt meerdere stromingen katholieken, meerdere stromingen Joden, meerdere stromingen Christenen (Protestanten/gereformeerden) en ook meerdere stromingen van de Islam. Je kan dus niet zeggen dat wat je gelooft de waarheid is. Dan zou het ook geen geloof meer zijn, maar wetenschap. De ongenuanceerde dwang om toch, ondanks die wet, de niqab of burka te willen blijven dragen getuigt dus in feite van een grote domheid en dwangmatig (kritiekloos) vast houden aan… Desalniettemin zijn zowel het verbod, als de reactie van de vrouwen niet correct.
In Denemarken wil men zelfs een stap verder gaan en de hoofddoek verbieden. Een stap die absoluut te ver gaat. Aan de andere kant, ja ik zie graag met wie ik spreek. Iemand met een burka zal ik voorbij laten gaan, maar een niqab maakt mij niks uit. Dan zie ik de ogen in ieder geval. Bovendien iemand met een spiegelde zonnebril vind ik ook zeer storend en zal ik niet snel aanspreken. Kortom, wettelijke grenzen in deze zaken kan je nooit opleggen, en zullen altijd een vorm van discriminatie in zich dragen, het enige onderdeel waar de Islamitische vrouwen wel gelijk in hebben. Aan de andere kan geeft deze discussie maar weer eens aan hoe dogmatisch en beperkend religie is. Marx noemde het opium voor het volk, maar ik vrees dat het zelfs een graadje erger kan zijn….