Charlatan Wim Westerman laat weer van zich spreken. Anderhalf jaar heb ik mij niet meer geuit inzake politiek. Maar nu kan, en mag, ik niet stil blijven. Natuurlijk heb ik met genoegen kennis gemaakt van de in opspraak zijnde wethouder van Haarlemmerliede. De raad heeft het vertrouwen in hem op gezegd, in het Presidium, met negen tegen een stem. En dat al na anderhalf jaar. Het verbaast mij niets. Sterker, ik had voorspeld dat het binnen twee jaar mis zou gaan. Maar er komt weer heel wat los. Immers, mijn leven heeft door zijn directe toedoen een hele andere, onplezierige, wending gekregen. Maar ook omdat de motie van wantrouwen, welke fractie GroenLinks tegen hem had ingediend, vrijwel de exacte gronden kent, als waarop nu de raad het vertrouwen op zegt. Helaas was men in Velsen van mening dat wij uit rancune de motie indienden. Dat hebben we pertinent niet gedaan, we hebben destijds gekeken naar de inhoud. Ik ga er vanuit dat men in Haarlemmerliede ook op inhoud reageert.
Westerman zit in het pluche. Niet vanuit een overtuiging, maar vanuit puur eigen belang. De rest interesseert hem niets, behalve dat hij graag mensen om zich heen verzameld, die hem braaf en blind volgen. Westerman zit momenteel ook in het bestuur van GroenLinks Velsen. Een zwak bestuur wat hij prima weet te manipuleren en te imponeren. De oude wijze man, zo zien velen hem. Het addergebroed achter zijn oogkassen blijft voor de meesten verborgen. Alleen wakkere lieden ontdekken de man achter de aimabele figuur. Aimabel, mooi niet, maar wel een schijn welke hij goed weet op te houden. Althans voldoende om te overleven. Keer op keer en kritische elementen weet hij weg te zetten, desnoods via leugens en bedrog. En altijd ligt het aan de ander, nooit aan hem zelf. Ook nu is de raad weer de schuldige. Hij niet...
In 2013 heb ik een emotionele blog geschreven. Misschien te snel en te emotioneel, maar mijn gelijk van toen wordt nu in feite bevestigd. Wim Westerman zegt tegen de krant, dat hij niet van achterkamertjespolitiek houdt. Vreemd, want hij doet bijna niet anders. De motie van wantrouwen werd destijds niet gesteund, omdat de raad van Velsen te verdeeld was, geen lef toonde en onze vermeende rancune.
In 2013 begon het gelazer. Voor Westerman was de fractie lastig. Immers, wij luisterden niet naar hem, waren kritisch en hadden hem zeker niet nodig. Dus haalde hij valse streken uit tijdens de ledenvergadering. Echter, omdat hij zijn vriendjes mobiliseerde wist hij de regels naar zijn hand te zetten. Daarbij bediende hij zich van pure leugens én bedrog. Iemand die middels leugens een ander neerzet heeft de eerste slag gewonnen. De ander kan zich immers alleen verdedigen en dan is de aanvaller in het voordeel. Zeker wanneer hij zijn kompanen heeft gemobiliseerd. Met zijn overtuigingskracht wist hij zelfs landelijk GroenLinks voor zich te winnen. Ook zij bleken blindelings in zijn mooipraat te trappen. De gevolgen mogen inmiddels bekend zijn.
Nu moet hij dus opstappen in Haarlemmerliede. Dat doet hij niet. Hij houdt te veel van het pluche. Er moet eerst een motie van wantrouwen komen. Ik vrees dat hij zelfs dan nog niet zonder slag of stoot op stapt. Dát is namelijk Westerman. En natuurlijk is de raad de kwade genius.
Hij is lang mee weg gekomen. Te lang, en dit is nu de derde keer. De derde keer! Wordt men nu eindelijk ook eens wakker bij GroenLinks landelijk?
Destijds heeft hij de raadsleden van GroenLinks in diskrediet gebracht. Ja, je mag zelfs stellen dat hij hun toekomst heeft verziekt. Vrij letterlijk. Zelf zou hij niet in de raad willen, maar wel moest hij lijsttrekker worden. Twee van zijn gecharterde "kinderen" kwamen uit het niets hoog op de lijst. Maar, beiden bleken niet in de raad plaats te willen nemen. Wim kwam dus in de raad. Hij werd gevraagd voor wethouder in Haarlemmerliede. Daarom kwam nummer 4 (!) in de raad van Velsen. Hij vertrok naar Haarlemmerliede, maar claimde wel een functie in het bestuur van Velsen. Zeer dubieus eigenlijk. Maar ja, die club heeft hij in de tang... Helaas, nummer vier maakt geen sier in de raad. Reclame voor GroenLinks is niet aan Westerman besteed. Überhaupt heeft hij niet veel op met GroenLinks. Hij heeft op met het pluche en verschuild zich achter GroenLinks. Ooit vertrouwde hij mij tie dat het om het even elke partij kon zijn, maar dat hij dacht binnen GroenLinks de meeste kansen te maken.
Vier jaar afbraakpolitiek in Velsen en zo te lezen is hij in Haarlemmerliede bepaalt niet voortvarender geweest. Maar dat ligt aan de raad, aldus Westerman.
Nee, ik ben klaar met hem. Naar mijn mening mag zo iemand geen enkele politieke functie meer bekleden. Hij is een blamage voor de politiek. Het wantrouwen van de burger in de politiek vertegenwoordigt hij ten volste. Hij is geen vertegenwoordiger. Het is een pure charlatan! Ik ben benieuwd in hoeverre de partij GroenLinks nog steeds achter deze man blijft staan. Dan moeten ze niet gek op kijken, wanneer GroenLinks weer niet scoort bij de kiezer.
Westerman is in de zeventig. Ik ken hem als een doorlopende herhaling en beticht hem ook van enige vergeetachtigheid. Laat hem maar lekker aan zijn boeken werken of zijn Chinezen rond leiden. Maar in hemelsnaam, dien die motie van wantrouwen in en haal deze vent uit de politiek! Hij verwezenlijkt het wantrouwen van de kiezers in de politiek. En, geef hem een pluche leunstoel mee, ter afscheid!
Posts tonen met het label wethouder. Alle posts tonen
Posts tonen met het label wethouder. Alle posts tonen
vrijdag 8 januari 2016
vrijdag 12 juni 2015
Burgermeester
1967
Meester Pels, van de Adolf van Nassauschool, staat voor de klas. Met de rust welke hij altijd uitstraalde sprak hij over wanneer wij groot zouden zijn.
"Wat wil je later worden?", was de vraag waarmee hij de klas rond ging.
"Piloot meester," was het antwoord van Roelof, Wim, en nog wat anderen.
"Politie agent," reageerden Jan, Wouter, Stef, en misschien wel de helft van de jongens.
"Automonteur," zeiden drie jongens.
"Brandweerman."
"Burgermeester, meneer Pels," sprak ik.
Meneer Pels was duidelijk in een lichte staat in verwarring. De rest van de klas ontstak in een licht rumoer. Zo iets had men nog nooit gehoord en ik was duidelijk van "lotje getikt". Sindsdien werd ik niet alleen als half leproos aangezien en benaderd, ook werd ik overal "burgermeester" genoemd, vol spot en kinderlijke ironie.
De grootvader van mijn achterbuur (Jan Wiebe van Veen) was burgermeester geweest. Hij woonde inmiddels ook bij ons in het dorp en met Jan Wiebe kwam ik er regelmatig over de vloer. Ik had ontzag voor die man. Het was een echte notabele, een man met charisma en uitstraling. Zo wilde ik later ook worden. Wat het burgermeesterschap inhield was mij volledig onbekend. Maar het hebben van uitstraling en gezag sprak mij aan. Alleen al omdat ik dan niet meer gepest zou worden. Dat mijn uitspraak juist leidde tot toenemend pestgedrag van anderen had ik bepaald niet voorzien.
2002
Maatschappelijke onvrede en mijn kritiek op het kabinet Balkenende besloot dat ik niet meer langs de lijn kon blijven schreeuwen en mokken. Neen, ik moest actief worden de wereld te verbeteren. Wellicht was ik al wat oud om mij zo als idealist op te stellen, maar ik ben nou eenmaal een laatbloeier. De zoektocht naar een politieke partij waar ik mij zowel politiek als persoonlijk betrokken bij voelde was best nog een hele opgaaf. Uiteindelijk sloot ik mij bij een partij aan. Binnen de kortste keren was ik niet alleen lid van de partij, maar zat ik ook in het bestuur van de lokale afdeling. Vanaf dat moment heb ik mij ook actief en vol overgave ingezet. Politiek boeide mij en ik was (nog) in de stellige overtuiging dat je in de politiek zelf op integere wijze als individu invloed kon hebben op het beleid. Het was geen naïviteit, maar een overtuiging, tot veel later bleek dat je toch een zekere schofterigheid in je moet hebben wil je daadwerkelijk politiek iets kunnen veranderen, of invloed hebben. Daarnaast speelt een groot ego ook een essentiële rol, iets waar ik niet over beschik. Ik neig wat dat betreft meer tot bescheidenheid en onzekerheid.
Maar goed, na een verhuizing kwam ik zo waar in de gemeenteraad. Bijna met een schuldgevoel mocht ik mij op het pluche hijsen. Keihard werkte ik om op eerlijke, integere wijze, oprechte politiek te bedrijven. Vol energie zette ik mij in om met heel veel mensen in contact te komen en op basis van wat er in de gemeenschap leefde en mijn eigen politieke overtuiging tot besluitvorming te komen. De vier jaar raadswerk was vier jaar strijd. Strijd, welke ik op zich niet ambieerde. Ik wilde politiek niet zien als strijd, maar als een spel van argumenten. Duidelijk werd dat mijn beeld bijgesteld diende te worden. En bijgesteld, en bijgesteld. Toch wilde ik nog wel een termijn. Immers, voor mijn eigen gevoel en mijn verantwoordelijkheid naar de gemeenschap was ik nog niet klaar en moest ik verder. Ook kreeg ik de vraag of ik het wethouderschap ambieerde. Mijn antwoord was duidelijk: neen, maar wanneer ik het belang daar mee dien ben ik wel bereid het wethouderschap op mij te nemen. Achteraf een veel te bescheiden opstelling. Al met al maakt dat niet veel meer uit. Rattenstreken en hufterigheid hebben inderdaad mijn politieke ondergang ingeluid. Ik was blijkbaar te eerlijk en te beschaafd politiek stand te houden.
Na de raadsperiode heb ik grote afstand van de politiek genomen. Uit zelfbehoud, maar ook uit frustratie dat politiek inderdaad is wat ik voorheen vermoedde; een spel van veel oneerlijkheid, ego's, en eigenbelang. Wel bleef ik mij druk maken inzake mijn gevoelens van machteloosheid als burger. Mijn confrontaties, grote frustraties, met de bureaucratie en regelgeving. Tegen onrecht kan ik nog steeds niet. De afgelopen jaren heb ik heel wat onrecht en foute regelgeving en verkeerde bureaucratie aan mij voorbij zien gaan.
Inmiddels heeft die zelfde bureaucratie er mede toe geleid dat ik nu in Turkije zit. En eindelijk heb ik een zekere rust en balans in mijn leven.
2015
Een berichtje op Facebook: " Ernst, er is een vacature voor je in Velsen." Het beticht vatte ik niet helemaal. Via Messenger las ik nog een paar korte berichtjes van een gelijke strekking. Daarna pas las ik dat Franc Weerwind naar alle waarschijnlijkheid burgervader van Almere wordt, de opvolger van Annemarie Jorritsma. Velsen is dus op zoek naar een nieuwe burgermeester... Ik moest weer denken aan 1967. Ik moet er niet aan denken. Tien jaar eerder misschien, maar ik heb mijn politieke tijd voorlopig wel gehad. Ja, ik ben meer bestuurder dan uitvoerend politicus. Zo veel is mij wel duidelijk geworden. En ja, mijn minderwaardigheidscomplex is in grote mate afgenomen. Echter, ik moet er niet aan denken dat mijn leven weer geregisseerd en ingevuld wordt door de buitenwereld. Bewijsdrang voel ik ook niet erg sterk. Laat mij maar genieten van het leven, waarin de dagen geen belang meer kennen. Een wekker mij niet doet ontwaken en plicht mij niet roept.
Bovendien, welke gemeente wacht op een dakloze en werkloze burgervader? En beide feiten heb ik te danken aan de politiek. Nee, het politieke beleid heeft mij veel ellende gebracht. Gelukkig heeft al die ellende er toe geleid dat ik nu eindelijk een fijn en plezierig leven heb. Over een paar maanden ben ik een schilderend keuterboertje... Bijna 60. De VUT bestaat niet meer. Nee, tegenwoordig wordt je ontslagen, financieel gemangeld en uiteindelijk mag je zonder uitkering overleven. Dat de uitkering van mijn vrouw op zich onvoldoende is voor twee, maakt niet uit. Nee, wanneer ik vanuit deze situatie burgermeester van Velsen word zal de gemeente de nar van politiek Nederland worden. Natuurlijk wordt het een hele klus na zo'n goeie als Franc een nieuwe sterke burgermeester te vinden, zeker wanneer ik ook bedank, maar Velsen vindt vast en zeker een oplossing. In ieder geval wens ik de gemeente succes. Ik ga vandaag eens informeren naar de prijs van een ezel en de prijs van een geit. En heb ik weer een woning in Velsen, ga ik vast nog wel eens vanaf de publieke tribune het theater aanzien. In mijn boerenkiel......
Meester Pels, van de Adolf van Nassauschool, staat voor de klas. Met de rust welke hij altijd uitstraalde sprak hij over wanneer wij groot zouden zijn.
"Wat wil je later worden?", was de vraag waarmee hij de klas rond ging.
"Piloot meester," was het antwoord van Roelof, Wim, en nog wat anderen.
"Politie agent," reageerden Jan, Wouter, Stef, en misschien wel de helft van de jongens.
"Automonteur," zeiden drie jongens.
"Brandweerman."
"Burgermeester, meneer Pels," sprak ik.
Meneer Pels was duidelijk in een lichte staat in verwarring. De rest van de klas ontstak in een licht rumoer. Zo iets had men nog nooit gehoord en ik was duidelijk van "lotje getikt". Sindsdien werd ik niet alleen als half leproos aangezien en benaderd, ook werd ik overal "burgermeester" genoemd, vol spot en kinderlijke ironie.
De grootvader van mijn achterbuur (Jan Wiebe van Veen) was burgermeester geweest. Hij woonde inmiddels ook bij ons in het dorp en met Jan Wiebe kwam ik er regelmatig over de vloer. Ik had ontzag voor die man. Het was een echte notabele, een man met charisma en uitstraling. Zo wilde ik later ook worden. Wat het burgermeesterschap inhield was mij volledig onbekend. Maar het hebben van uitstraling en gezag sprak mij aan. Alleen al omdat ik dan niet meer gepest zou worden. Dat mijn uitspraak juist leidde tot toenemend pestgedrag van anderen had ik bepaald niet voorzien.
2002
Maatschappelijke onvrede en mijn kritiek op het kabinet Balkenende besloot dat ik niet meer langs de lijn kon blijven schreeuwen en mokken. Neen, ik moest actief worden de wereld te verbeteren. Wellicht was ik al wat oud om mij zo als idealist op te stellen, maar ik ben nou eenmaal een laatbloeier. De zoektocht naar een politieke partij waar ik mij zowel politiek als persoonlijk betrokken bij voelde was best nog een hele opgaaf. Uiteindelijk sloot ik mij bij een partij aan. Binnen de kortste keren was ik niet alleen lid van de partij, maar zat ik ook in het bestuur van de lokale afdeling. Vanaf dat moment heb ik mij ook actief en vol overgave ingezet. Politiek boeide mij en ik was (nog) in de stellige overtuiging dat je in de politiek zelf op integere wijze als individu invloed kon hebben op het beleid. Het was geen naïviteit, maar een overtuiging, tot veel later bleek dat je toch een zekere schofterigheid in je moet hebben wil je daadwerkelijk politiek iets kunnen veranderen, of invloed hebben. Daarnaast speelt een groot ego ook een essentiële rol, iets waar ik niet over beschik. Ik neig wat dat betreft meer tot bescheidenheid en onzekerheid.
Maar goed, na een verhuizing kwam ik zo waar in de gemeenteraad. Bijna met een schuldgevoel mocht ik mij op het pluche hijsen. Keihard werkte ik om op eerlijke, integere wijze, oprechte politiek te bedrijven. Vol energie zette ik mij in om met heel veel mensen in contact te komen en op basis van wat er in de gemeenschap leefde en mijn eigen politieke overtuiging tot besluitvorming te komen. De vier jaar raadswerk was vier jaar strijd. Strijd, welke ik op zich niet ambieerde. Ik wilde politiek niet zien als strijd, maar als een spel van argumenten. Duidelijk werd dat mijn beeld bijgesteld diende te worden. En bijgesteld, en bijgesteld. Toch wilde ik nog wel een termijn. Immers, voor mijn eigen gevoel en mijn verantwoordelijkheid naar de gemeenschap was ik nog niet klaar en moest ik verder. Ook kreeg ik de vraag of ik het wethouderschap ambieerde. Mijn antwoord was duidelijk: neen, maar wanneer ik het belang daar mee dien ben ik wel bereid het wethouderschap op mij te nemen. Achteraf een veel te bescheiden opstelling. Al met al maakt dat niet veel meer uit. Rattenstreken en hufterigheid hebben inderdaad mijn politieke ondergang ingeluid. Ik was blijkbaar te eerlijk en te beschaafd politiek stand te houden.
Na de raadsperiode heb ik grote afstand van de politiek genomen. Uit zelfbehoud, maar ook uit frustratie dat politiek inderdaad is wat ik voorheen vermoedde; een spel van veel oneerlijkheid, ego's, en eigenbelang. Wel bleef ik mij druk maken inzake mijn gevoelens van machteloosheid als burger. Mijn confrontaties, grote frustraties, met de bureaucratie en regelgeving. Tegen onrecht kan ik nog steeds niet. De afgelopen jaren heb ik heel wat onrecht en foute regelgeving en verkeerde bureaucratie aan mij voorbij zien gaan.
Inmiddels heeft die zelfde bureaucratie er mede toe geleid dat ik nu in Turkije zit. En eindelijk heb ik een zekere rust en balans in mijn leven.
2015
Een berichtje op Facebook: " Ernst, er is een vacature voor je in Velsen." Het beticht vatte ik niet helemaal. Via Messenger las ik nog een paar korte berichtjes van een gelijke strekking. Daarna pas las ik dat Franc Weerwind naar alle waarschijnlijkheid burgervader van Almere wordt, de opvolger van Annemarie Jorritsma. Velsen is dus op zoek naar een nieuwe burgermeester... Ik moest weer denken aan 1967. Ik moet er niet aan denken. Tien jaar eerder misschien, maar ik heb mijn politieke tijd voorlopig wel gehad. Ja, ik ben meer bestuurder dan uitvoerend politicus. Zo veel is mij wel duidelijk geworden. En ja, mijn minderwaardigheidscomplex is in grote mate afgenomen. Echter, ik moet er niet aan denken dat mijn leven weer geregisseerd en ingevuld wordt door de buitenwereld. Bewijsdrang voel ik ook niet erg sterk. Laat mij maar genieten van het leven, waarin de dagen geen belang meer kennen. Een wekker mij niet doet ontwaken en plicht mij niet roept.
Bovendien, welke gemeente wacht op een dakloze en werkloze burgervader? En beide feiten heb ik te danken aan de politiek. Nee, het politieke beleid heeft mij veel ellende gebracht. Gelukkig heeft al die ellende er toe geleid dat ik nu eindelijk een fijn en plezierig leven heb. Over een paar maanden ben ik een schilderend keuterboertje... Bijna 60. De VUT bestaat niet meer. Nee, tegenwoordig wordt je ontslagen, financieel gemangeld en uiteindelijk mag je zonder uitkering overleven. Dat de uitkering van mijn vrouw op zich onvoldoende is voor twee, maakt niet uit. Nee, wanneer ik vanuit deze situatie burgermeester van Velsen word zal de gemeente de nar van politiek Nederland worden. Natuurlijk wordt het een hele klus na zo'n goeie als Franc een nieuwe sterke burgermeester te vinden, zeker wanneer ik ook bedank, maar Velsen vindt vast en zeker een oplossing. In ieder geval wens ik de gemeente succes. Ik ga vandaag eens informeren naar de prijs van een ezel en de prijs van een geit. En heb ik weer een woning in Velsen, ga ik vast nog wel eens vanaf de publieke tribune het theater aanzien. In mijn boerenkiel......
maandag 2 juni 2014
lintjes knippen
![]() |
| bron: minitrue.nl |
Overal in
Nederland zijn weer nieuwe colleges. Minder dan een jaar was het niet
ondenkbaar dat ik nu in een college zou zitten. Ik heb het nooit geambieerd,
mar ook gezegd de verantwoordelijkheid niet uit de weg te gaan. Nu ik wat meer
afstand van de politiek heb ben ik eigenlijk heel erg opgelucht.
Veel politici hebben al een groot ego, maar dit
percentage is bij wethouders een stukje groter. Hekking (Koot en Bie) is overal
volop aanwezig. Met samengeknepen billen vooraan staan. De functie van
wethouder houdt natuurlijk veel meer in, maar de publieke en protocollaire
taken zijn ruim aanwezig. Maar wat is dat nou, dat wij er zo op kikken een
bekende Nederlander of politicus (inclusief de wethouder) aan te laten rukken
om een lintje door te knippen. Of een andere lullige openingshandeling te laten
verrichten... Geen idee. Het komt op mij over als iets zieligs en een handeling
je even onzinnig beroemd te voelen. Zij die de lintjesknipper binnen halen
voelen zich te gek, want ze kunnen naast de wethouder, of beroemde Nederlander,
staan. De knippers staan even centraal en doordat het lintje door hen geknipt
mag worden zijn zij op dat moment even heel groot. Ik moet er niet aan denken.
Het is een grote poppenkast waar wel heel erg veel mensen aan mee doen. En het
heeft in feite ook geen enkele inhoud.
Met het koninklijk huis heb ik te doen. Die moeten wat
afknippen, openen en vooral nogal wat publieke verrichtingen plegen, waarvan
tachtig procent onzin is. Maar ons koninklijk huis heeft het niet voor het
kiezen. Het wordt door geboorterecht bepaald.
Recent was ik aanwezig bij de heropening van het stadhuis
Velsen. Prinses Margriet deed de officiële heropening. Een stoet auto's, een
gevolg een kleine vrouw waar niemand zichzelf tegen is. Ik kreeg de indruk dat
zij er ook weinig lol aan kon beleven. Een speech, handjes schudden (waarbij de
Hekkings vooraan staan). Zelf heeft ze het woord niet gevoerd. Na de speeches
een rondleiding. Ergens stond een ding opgesteld. Hier mocht mevrouw een duwtje
tegen een object geven, er gebeurde van alles en de opening was een feit. Het
gezelschap verdween uit zicht. Ik neem aan voor een kopje koffie met
burgemeester en wethouders, om vervolgens met veel bombarie weer te vertrekken.
Arme prinses...
Protocollen zijn leuk en hebben in zekere zin een
functie. De cultuur rond openingen en lintjesknippeij ontgaat mij echter
helemaal. En dan ben ik blij nu geen wethouder te zijn. Dat soort rotzooi hoef
ik dan niet knarsetandend uit te voeren.
![]() |
| bron: starlounge.nl |
Een vreemd soort zijn wij mensen eigenlijk. Het lijkt dat
we meer voor de buitenwereld leven, dan voor ons zelf. Nu kan je zeggen dat we
voor de buitenwereld leven om persoonlijke erkenning en eigendunk te verwerven.
O ja, dat kan, maar zielig is dat toch wel een beetje. Is het niet zo dat je
kracht, eigenwaarde en tevredenheid juist in jezelf moet zoeken? Volgens mij
wel. Blijkbaar is een groot deel van de bevolking hier niet toe in staat. Wij
hebben idolen nodig, goden die we aanbidden en vooral allerlei uiterlijkheden
nodig om onze eigenwaarde te vinden. Volgens mij is een groot deel van de
mensheid part van de zieligste diersoort op aarde. Vreemde wereld. Zelf ben ik
steeds meer wars van alle opsmuk en glitter rituelen. Misschien moet ik als
kluizenaar gaan leven. In ieder geval wil ik mijn eigen weg kiezen. Of een
beetje als van Gogh. Die is gelukkig na zijn dood beroemd geworden.
Maatschappelijk gezien lijkt mij dat wel wel. Financieel natuurlijk niet. Maar
spaar me ooit voor de arrogantie van het bekend zijn... En nee, ik zal nooit
een lintje doorknippen!
zondag 16 februari 2014
Functie eisen!
![]() |
| Raad Ettenleur |
Nederland staat aan de
vooravond van de gemeenteraadsverkiezingen. Lijsten zijn weer samengesteld.
Soms buitelden de kandidaten over elkaar heen om een goede plek op de lijst te
bemachtigen. In de media wordt aangegeven dat er weinig belangstelling voor dit
ambt is. Dus, wie zijn nu al die kandidaten?
Uitgaan
van de democratie kan iedere Nederlander raadslid worden. Veel partijen maken
gebruik van kandidatencommissies,maar er zijn partijen waar dit niet gebeurt,
of nauwelijks enige waarde kent. Op al die gemeentelijke lijsten staan een
groot aantal nieuwkomers en zittende politici. In de laatste groep veel
kandidaten met lokale netwerken, bekendheid en lokale lobby.
En
toch is dit allemaal heel vreemd. De landelijke overheid gooit steeds meer over
de schutting van de gemeenten. Raadsleden dienen te besluiten over een steeds
grotere budgetten, maar vooral moeten zij zich voor het lokale belang inzetten.
Veel partijen onderschatten deze verantwoordelijkheden om maar aan de
verkiezingen mee te doen en een lijst in te leveren.
Zelf
heb ik nu vier jaar het raadswerk mogen ervaren en daarmee ook de kwaliteit van
raadsleden. Inmiddels heb ik door dat er in feite volledig onbekwame lieden een
zetel innemen. Vaak niet voor de eerste keer en soms staan ze op de nominatie
weer terug te komen. De eigendunk is nogal eens vele malen hoger dan de
kwaliteit.
De
gemeente probeert hier wel iets aan te doen. Een oriëntatiecursus vooraf
en na de verkiezingen ontvangen de nieuwe raadsleden ook meerdere trainingen.
En goede poging, maar wanneer je het niet in je hebt komt het ook nooit goed.
In principe gaat het al mis bij de voordeur.
Bij
de selectie van raadsleden wordt onvoldoende rekening gehouden met de
kwaliteit. De opstellers of kandidatencommissies worden in veel gevallen
onvoldoende geïnstrueerd. Ook de kwaliteit van de leden van de
kandidatencommissie zelf is eigenlijk nooit een item. Het lidmaatschap van de
partij is het belangrijkste criterium. En dan is er nog de partijdemocratie.
Vrijwel alle partijen hanteren het uitgangspunt dat de algemene
ledenvergadering de bepalende factor is. Subjectiviteit, onderlinge sympathie
winnen het hier van kwaliteit.
Het
geluk is dat er op deze wijze ook goede kandidaten op de kieslijst terecht
komen. Dit is meer toeval, dan een bewuste keuze, een enkel geval uitgezonderd.
Het
lokale bestuur wordt onderschat. Dat geldt niet alleen voor de raadsleden zelf
en de lokale politiek, echter dit geldt voornamelijk in de aanloop.
![]() |
| Raad Wassenaar |
![]() |
| Raad Capelle aan den IJssel |
Het
bewustzijn van de inhoudelijke kennis en de continuering (en overdracht)
hiervan in een nieuwe periode leeft nauwelijks. Sommige partijen gaan er wel
vanuit dat een kandidaat al iets heeft moeten laten zien. Hetzij als
steunraadslid, hetzij binnen het lokale bestuur. Een goed instrument en zeker
een begin.
Mijn
mening is dat het allemaal anders moet. Zeker nu het werk zwaarder wordt en de
verantwoordelijkheden groter. Misschien moet er toch een opleiding komen. Met
diploma. En alleen met dat diploma kan je dan op de kieslijst. Iedereen moet in
de gelegenheid gesteld worden de opleiding te volgen. Criteria het diploma te
halen moeten duidelijk zijn. Een assessment is naast zo een diploma een mogelijk
goede aanvulling. Dat iedereen raadslid kan worden is natuurlijk democratisch
gezwets. Omdat er toch selectiemomenten zijn is het deels een farce en kan je
best eens gaan werken aan functie-eisen. In principe blijf je even
democratisch. Nu wel met oog op kwaliteit (en verantwoordelijkheid). Ook
criteria voor kandidatencommissies leveren een bijdrage aan verbetering van de
kwaliteit. Ook een (korte) verplichte cursus? Ach, en wethouderskandidaten
zouden niet van de kieslijst af moeten komen. Dat geeft inteelt en stimuleert
het dualisme niet. Een wethouder mag bet uit eigen gelederen komen, maar laat
men vooraf een keuze maken; kandidaat of eventueel wethouder. Volgens mij wordt
het hart tijd de lokale politiek te professionaliseren. Dat voorkomt een hoop
gezeik en veel uitglijders. Hopen dat iets in die geest gerealiseerd wordt....
Vóór 2018!
Abonneren op:
Posts (Atom)





