Posts tonen met het label Portugal. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Portugal. Alle posts tonen

woensdag 3 september 2014

In den vreemde: ritme (4)




Je leeft in een vreemd land, wat ook een vakantieland is. Dat lijkt voor veel mensen een ideaal, terwijl anderen bij de gedachte al gruwelen. Vakantie in zo een achterlijk land is al meer dan genoeg. Anderen lijkt het wonen in een vakantieland een soort verblijf in Eden, het paradijs. Feit blijft dat het leven een complex geheel is.

De eerste week was ik helemaal niet bezig met het feit of ik hier met vakantie ben, of hier woon. We hadden het druk. In het, door de temperatuur en cultuur, aangepaste tempo kwamen we onze dagen door. Er was veel te doen en je bent bezig een nieuw nestje te creëren. Dat we, twee dagen geleden, Lina van het vliegveld afhaalden gaf het gevoel hier te wonen, in ieder geval meer dan hier alleen als toerist te zijn. Ik ken het nog van Curaçao. Joop woonde daar en wanneer ik daar logeerde maakten we vaker de reis naar vliegveld Hato om mensen op te halen, of juist weg te brengen. Ik was niet op vakantie, maar woonde even bij Joop. Met dat verschil, dat ik zelf altijd na enige tijd ook weer naar Hato gebracht werd, om naar Nederland te vliegen. Nu was ik op het vliegveld van Dalaman. Ik haalde iemand op, onze Lina. Maar dit keer ben ik de “Joop”, want ik leef nu even in dit land.
Inmiddels merk ik dat je leven deels wordt bepaald door een aantal dubbele gevoelens, waardoor je niet precies weet hoe het leven er nu eigenlijk echt uit ziet. Het komt over als enigszins onwerkelijk. Dat is het natuurlijk ook, maar tijd heelt alle wonden. Dat zegt men, maar ik geloof daar ook in.
De dag na aankomst van Lina deed ik gewoon mijn klussen. Op de berg moest ik de kippen uit het hok halen (in de ochtend) en er weer in stoppen (in de middag). Overdag heb ik de tweede tafel gemaakt. Omdat ik alleen nog kortere schroeven had moest de constructie anders… en dat was veel meer werk. Ondanks het kromme en matige hout (geen decimeter is echt recht) staat er nu wel een tafel in de kamer. Tafel nummer twee.

Er ontstaat ook een zeker dagelijks ritme. Anders dan in Nederland. In Nederland is het dagelijkse ritme ingegeven door de klok. Hier door de handelingen. Het ritme in Nederland kent een sterke structuur. En in de avond ben je moe, en hang je voor de tv, wanneer er geen andere afspraken zijn. Hier speelt tijd geen rol, en wanneer je moe bent ga je naar bed. Hier geen tv, bijna bevrijdend.
Door het ritme wat er wel is, maar de structuur er om heen ontbreekt weet je nooit wanneer je wat doet. Je staat op wanneer je wakker wordt. Meestal tussen zeven en acht uur. In Nederland had ik absoluut een wekker nodig. Naar bed gaan gebeurt tussen half tien ’s avonds en half 2 in de nacht. Ik mis mijn neurotische structuur geheel niet. Ik heb het hier ook niet nodig.
Gisteren werd ik echter even geheel uit mijn balans getrokken. Tot nu toe hadden we het water alleen op afstand en onder de douche gezien. Maar, mede omdat Lina er was, zijn we naar Yagmur gegaan. Yagmur is een appartementen hotel, waar Wilma en Hassan goede contacten mee hebben en alle keren dat wij hier zijn ook langs komen. Daar is een heerlijk zwembad. We wisten al dat we daar altijd mogen zwemmen, maar tot op heden was dat er niet van gekomen. Te druk en het paste niet in het ritme. Nu waren we er wel. Met open armen werden we ontvangen. De oude barkeeper is daar nu de baas en het eerste wat hij (inderdaad) bevestigde was dat we daar altijd het water in mogen plonsen. En dan lig je daar lekker, bestelt een drankje, neem een duik en… Opeens kreeg ik een raar dubbel gevoel. Ja, dit was harstikke lekker, maar voelde ook als vakantie. Ik bén helemaal niet op vakantie! Wat doe ik hier? Het was even of ik mijzelf niet mag gunnen aan het zwembad te hangen. Het past niet in het ritme, maar bovenal ik woon ik hier toch, en ben geen toerist…
Natuurlijk klopt dit niet. In Nederland werk je vijf dagen en in het weekend ontspan je. Ondanks dat ik al ruim vier jaar geen betaalde baan meer heb, heb ik wel altijd een zeker ritme vastgehouden. Op zondag voelde ik mij dan ook wel (soms) een zondagsschilder. We hadden een structuur, al week deze in zekere mate af van de structuur in gezinnen met werkende ouders, of ouder. En soms gingen we even een hapje halen bij Ruud, in Café Middeloo (Driehuis). Ja dat deden we daar ook, dus waarom mogen we hier niet af en toe een plons in het water maken?

Blijkbaar hebben we wel al een ritme, maar is de opbouw hiervan nog niet geheel klaar. Onzekerheden spelen misschien een rol. Ook de opmerkingen van de dames van de RABO bank blijven in mijn achterhoofd spelen. Nee, we gaan niet (leuk) op vakantie. De opmerking over dat we niet echt emigreren is van mindere importantie, omdat die verder geen direct effect op ons verblijf hier heeft. Maar die ene mevrouw heeft ook haar weekenden. Ondanks dat zij werkt en niet op vakantie heeft doet zij ook leuke dingen. Ondanks dat wij onze hypotheek niet kunnen voldoen mag ik toch nog wel iets leuks doen?

Een ding mis ik hier nog. Het prikkelt wel al, maar moet nog een plekje in het ritme krijgen. Ik heb nog geen penseel aangeraakt. Misschien moet ik eerst nog even wat gaan schetsen en tekenen, om op die wijze weer een beetje in dat ritme te komen. Ik moet wel opschieten, want eind oktober moet ik nog een schilderij af hebben. We blijven voorlopig nog bouwen en dat betekent ook dat we nog niet helemaal in ons ritme zitten. Een vriend van mij, Pieter Mantjes, heeft het jaren geleden al goed bekeken. In Portugal heeft ie een pandje opgekocht, in een klein dalletje. Daar heeft hij wat appartementjes te huur en leeft een maand of acht in Portugals en vier in Nederland. Dat doet ie al; jaren en op die wijze heeft hij zijn ritme al gevonden. Hier moeten de logeergasten vervangen worden door het schilderen. Ik bedoel, logés is prima, maar we hebben hier geen betalende gasten. Dat laatste moeten wij dus anders gaan invullen. Ik ben benieuwd hoe lang dat gaat duren, maar aan allerlei kleine dingen merk ik dat we al snel en steeds meer in ons nieuwe ritme komen…


In ieder geval, vandaag voor het eerst, wat wolkjes voor de zon… (na ongeveer 12 dagen alleen zon…) en heeft Reina mijn baard getrimd en haar geknipt…


zondag 31 augustus 2014

In den vreemde; de verwerking (3)



Sinds wij uit Nederland zijn vertrokken droom ik weer. ’s Nachts, of tijdens mijn middagdutje. De oude vertrouwde dromen waarin het reizen een prominente rol speelt. Echter, in mijn dromen is een toegevoegde waarde.

Inmiddels ben ik vier jaar zonder werk. Blijkbaar heb ik dat geaccepteerd zonder daar concreet iets mee te doen. Al drie keer heb ik gedroomd over mijn collega en baas, Nico van Kan. De eerste keer was in een Portugese omgeving, voor zover ik mij nog kan herinneren. De derde keer staat mij nog iets bij van een vreemd werkbezoek. Mijn dromen worden nu regelmatig gecombineerd met zaken uit, met name, mijn arbeidsverleden.
Nico van Kan
Vier jaar lang ben ik daar eigenlijk helemaal niet meer mee bezig geweest, behalve dat ik de feiten accepteerde en door ging. Nu blijkt dat er toch sprake is van een rouwproces en ik dit niet eerder ben aangegaan. Pas nu lijk ik echt met die verwerking te beginnen. Geheel vreemd komt dit niet over op mij. Mijn moeder stierf in 1980, na een kort ziekbed aan kanker. Ondanks mijn verdriet werd ik gedwongen verder te gaan met mijn leven. Na een jaar begon ik over haar te dromen. Onder meer dromen dat zij nog leefde, maar in een geheel andere hoedanigheid. Een totaal andere vrouw, die qua uiterlijk als ook ten aanzien van haar persoonlijkheid nauwelijks meer te herkennen was.
De reden dat ik geen gelegenheid had tot enige verwerking was de omstandigheid dat ik werkte als groepsleider in een thuis voor moeilijk opvoedbare kinderen met een beperking. Na de crematie moest ik al snel aan de slag en mijn eerste confrontatie was  een pupil die op mij af kwam en zei: ha, ha, jouw moeder is lekker dood… Wat ik er mee aan moest wist ik niet (ik was pas 24 en had weinig ervaring met dergelijke zaken). Dus stopte ik het weg. Maar een rouwproces kan je niet wegstoppen. Via de dromen kwam het terug. Na die dromen gaf ik haar dood ook bewust een plaatsje in mijn leven. Pas toen had ik het feitelijk moeilijk.
Nu is er niemand dood. Nou ja, er zijn mij al teveel mensen ontvallen, echter in dit geval gaat het niet over het verlies van mensen, maar het verlies van werk. Een plek waar ik al 26 jaar mij had voor ingezet. Door een lullige fusie werd mij een toekomst onmogelijk gemaakt. Ondanks dat het werk weg was gevallen ging ik door. Het leven haalde mij steeds in. Met de politiek, mijn relatie, het wonen, de problemen, tot het vertrek naar Turkije. Het schilderen is in zekere mate ook een uitlaatklep, maar veel meer voor zaken die heftig en actueel waren (of zijn). Ik heb de lange arbeidsovereenkomst altijd wat weggewuifd.

Tot nu dus. Door het dromen. Pas nu besef ik wat het belang van dat werk is geweest. De impact op mijn leven, maar ook hoe ik mij heb kunnen uiten en neerleggen in die werkkring, met die collega’s en die omstandigheden. Natuurlijk is het lekker dat ik niet meer iedere ochtend om acht uur in de file hoef te staan. Zo praat je eenvoudig iets negatiefs goed. Alleen, zo eenvoudig ligt het niet. Eerder gaf ik al aan dat je tegenover iedere negatieve ervaring een positieve ervaring neer kan zetten en omgekeerd. Echter, daar tussen speelt nog de zaak van het afscheid nemen, de rituelen en het afronden. Door het uiteen vallen van onze divisie werd mijn vertrek ook een geruisloos gebeuren. Ik heb de zaak niet afgerond. Vier jaar heb ik er over gedaan daar achter te komen. Via mijn dromen.
Het veranderde leven in den vreemde maakt mij niet een ander mens, maar haalt mijzelf weer in mij naar boven. Zo heb ik mijn hele leven altijd veel gedroomd en waren reizen en verre, of exotische, oorden het centrale onderwerp. De afgelopen vier jaar heb ik nauwelijks meer gedroomd. Vroeger had ik altijd fantasieën; ik zag iets en kon er een eigen realiteit omheen bouwen. Dat was weg. Een tijd lang zag ik het als een gevolg van het gehuwde leven, maar dat is gelul natuurlijk. Daar kom ik nu achter. Alles komt weer teug. Nee, vier jaar lang heb ik mij laten opslurpen door continue met alleen de realiteit bezig te zijn. Als een tornado ging ik aan mijn gevoelens voorbij en door. Door en telkens maar weer door.
Het leven hier is ook door gaan, alhoewel het hier een andere betekenis heeft. Alles is ook losser. Een aantal problemen zijn niet weg met ons verblijf hier. De meeste problemen echter heb ik letterlijk achtergelaten. Ik voel dat ik weer langzaam tot bloei kom. Ik word weer losser, neem de tijd om te genieten en pak de tijd om iets te doen, aan te pakken. Zoals vandaag dat ik een Bougainville heb gekocht, want als je hier woont hoort er een Bougainville in je tuin. Gemijmer over de toekomst is er niet. Nu kijk ik over mijn schouder. Ik kijk de afgelopen jaren terug, zonder dit bewust te zien. Misschien moet ik zeggen: ik voel de afgelopen jaren terug, dat wat ik aan gevoel heb ontbeert. Niet bewust, blijkt nu. Het feit dat ik mij in een omgeving bevind waar de ingrediënten zijn om een aantal zaken te verwerken. Een rouwproces klinkt zo zwaar, alhoewel dat er misschien wel op lijkt. Het gevoel is echter heel bevrijdend. Vanuit mijn onbewuste ben ik eindelijk allerlei zaken aan het afronden. Ik sta voor een enorme boekenkast naast een stapel ervaringen. Nu heb ik eindelijk de positie om die stapel in de boekenkast te leggen. Alles daar waar het hoort, ieder zijn eigen plank, zijn eigen schap.

De eerste week, na ons vertrek, was ik vooral verwonderd. Verwonderd weer te dromen en te voelen. Nee, weer anders te voelen. Het is een beetje als landen. Na een lange vlucht ben ik aan het landen, maar de baan is lang. Gelukkig, want ik hoef niet hard te remmen.

Ik zit hier in Gocek, op een kampeertafeltje, achter het gaas van de woonkamer. Het verkeer komt voorbij. Geen televisie om mij achter te verstoppen. Voor mij mijn laptop. Krekels en verkeer. Rust. Klam voelt mijn huid van de hoge temperaturen. Klam, maar ook koel. Ik ben geland… nu rijdt ik langzaam uit. Het besef van hoelang ik al weg ben is eigenlijk al weg. Dit is mijn leven. Een leven wat bij mij past, waar ik mijzelf kan zijn. Niet dat ik mij anders voor deed of mijzelf verloochende, nee, ik toonde maar een tipje. Je kan het hele verhaal vertellen, of je verteld een deel. In het laatste geval lieg je niet, maar de ander zal nooit je verhaal leren kennen. Nu leer ik het hele verhaal te vertellen. Ik hoef geen dingen meer weg te laten. Geen zaken om mij aan te moeten passen. Er is geen enkele reden mij te bewijzen of te laten zien wat ik allemaal wel kan. Ik weet wat ik kan en de ander mag oordelen. Ik weet wat ik ben en de ander mag oordelen. Ik weet wie ik ben en de ander mag oordelen.
Mijn leven lang ben ik oprecht geweest. Dat heeft nogal eens tegen mij gewerkt. Het eerste zal ik blijven, het tweede is geen punt van orde meer.

Hoelang zal het proces duren? Niemand die het weet. Wel durf ik aan te geven dat ik door mijn huidige omstandigheid eindelijk een heleboel zaken kan gaan verwerken. Zo voelt dat, zo gaat dat. Niet meer jakkeren, maar gewoon de acceptatie. Gek, wat het leven in den vreemde allemaal met je kan doen. Ondanks dat niet alles goed voelt of positief is, met het verwerken, maar eigenlijk voel ik mij nu al twee weken heel erg gelukkig. Daar blijf ik aan werken.