Posts tonen met het label kamperen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kamperen. Alle posts tonen

zondag 23 augustus 2015

In den vreemde; een jaar verder (52!!!!)!!!

In den vreemde: 52!, 1 jaar Turkije



Het is gelukt, het afgelopen jaar heb ik, gemiddeld, iedere week een blog over ons "nieuwe" leven geschreven. Een afspraak, welke ik met mijzelf heb gemaakt, om de "achterblijvers" te informeren over ons wel en wee, hier in Turkije. Een afspraak met mijzelf, maar wel omdat ik het ook als een soort verantwoordelijkheid heb gevoeld. Voor ons vertrek leefden veel mensen met ons mee. De zware tijd, de tegenslagen, maar ook de stap die wij maakten. Rigoureus en een open toekomst. Men bleef mee leven en ik was van mening in alle openheid dit met een ieder te delen. Uit diverse reacties heb ik mogen vernemen dat velen ook genoten hebben, dan wel de blogs gevolgd hebben en soms al uitkeken naar de volgende editie. Ik zeg niet, dat ik nu stop met deze serie. Wel breek ik vanaf nu mijn belofte het gemiddelde van een blog per week vol te houden. Ik schrijf, in deze serie, wanneer ik het gevoel heb iets te melden te hebben. Wat de interval gaat worden zal vooralsnog dus een verrassing blijven.



We zijn een jaar verder. Soms vraag ik mij af, of er zo veel gebeurt is in dat jaar, meer dan wanneer ik in Nederland was gebleven. Een antwoord wat ik altijd schuldig zal blijven. Natuurlijk ben ik niet iemand die op mijn kont blijft zitten. Of er zoveel meer, of minder, gebeurt zou zijn, zonder het vertrek naar Turkije, vraag ik mij dan ook niet zonder reden af. Het zal wel ongeveer gelijk zijn. Wel durf ik met enige zekerheid te stellen, dat mijn belevenissen en ervaringen bepaalt anders zijn, dan wanneer ik wel in Nederland was gebleven. Zeker ook een periode met veel meer onzekerheden en vele nieuwe zaken in het leven, dan wanneer ik mijn activiteiten in Nederland had vol gehouden.



Hoe kijk ik op het afgelopen jaar terug? Laat ik beginnen met het moment van nu. Nu, op dit moment voel ik mij goed, en durf zelfs te zeggen gelukkig te zijn. In ieder geval heeft het afgelopen jaar dit als uiteindelijk resultaat opgeleverd. Een geluksgevoel wat zeker niet los staat van onze recente verhuizing.



Ogen zijn geopend. Sommige mensen betichten mij van cynisme, anderen zien alleen het doorzettingsvermogen en ons optimisme. Een ieder kijkt met een eigen bril naar ons afgelopen jaar en hoe ik hier over geschreven heb. Toegegeven, door de afstand naar de Nederlandse samenleving ben ik er anders naar gaan kijken. Ook het vergelijk tussen beide samenlevingen heeft ogen geopend. Dat heeft zich soms geuit in een kritische opstelling, ik heb zelfs afgegeven op de Nederlandse samenleving en politiek. Ondanks de Turkse politieke situatie ben ik ten opzichte van het leven hier wellicht juist wat milder geworden. Toch heb ik mij het afgelopen jaar niet alleen gebezigd met het politieke klimaat en de effecten hiervan in beide landen. Integendeel, de politiek trachtte ik juist zo ver als mogelijk van mij af te houden, iets wat met enig realiteitsbesef niet erg haalbaar is. Ik ben vooral bezig geweest met "leven". Het eerste half jaar was dat moeilijk en was er veel sprake van stress. Overigens wel een soort indirecte stress. Na de verkoop van onze woning viel de stress weg en kwam er ruimte voor ontspanning en het makkelijke omgaan met situaties. De BMW is daar een goed voorbeeld van. In feite hing er wel iets ernstigs boven mijn hoofd, maar ik kon er eigenlijk niet meer echt warm of koud van worden. De gedachte dat het wel een keer opgelost zou worden woog het sterkste. En zo geschiedde.

We leven in Turkije en willen ook leven in Nederland. Het eerste is goed gelukt en geregeld. Het tweede is en blijft een hopeloos verhaal. Een urgentieverklaring krijgen wij niet voor elkaar (we hebben er wel alle redenen toe), woningen zijn nauwelijks voor handen en dat we in het buitenland zitten maakt het alleen maar moeilijker. Of Nederland van ons af wil...  Een ieder kan zich toch wel een beetje voorstellen, dat ik hier enigszins cynisch van word? Formeel ben ik dakloos in eigen land... Ook de perikelen rond de zorg en het WMO verhaal gaan gepaard met een wederkerige hopeloosheid en moedeloosheid. Wanneer ik denk aan Nederland, denk ik direct weer (of nog steeds) in problemen. Gelukkig is mijn gedachte aan Nederland alleen op de achtergrond aanwezig en in voorkomende gevallen. Desalniettemin blijf ik bevestigen dat wij niet geëmigreerd zijn en dit ook niet wensen, volgens de definitie van emigreren.



Een jaar verder. Een ander land, een andere cultuur. Min of meer abrupt hebben we de stap gezet. Vol bepakt reisden wij af. Later realiserend niet goed nagedacht te hebben over de bagage. Tijdens de reis al werd onze kat (Kato) onderdeel van het gezin, nadat ze een paar jaar gescheiden woonde op de eerste en tweede etage. De reis was lang, maar goed, de laatste dag echter slopend. Het bleek de warmste dag van het jaar. En dan kom je bij een huis aan, "jouw" huis, wat wij alleen van enkele foto's kenden. Leeg. Met onze bagage konden we zitten en slapen, koken en eten. Binnen een week hadden we van oude materialen een eerste summiere inrichting. Het was werkelijk een nieuw begin. De eerste maanden was een vorm van luxe kamperen.

Na het vertrek van onze logee kwam een grote tegenslag; mijn geliefde werd ziek. Enkele weken reed ik op en neer naar Fethiye om bij haar te zijn, tot ze naar Antalya moest voor een operatie. Zij lag in die vreemde ziekenhuizen, ik zat in een kil huis. Na uitvoerig overleg heb ik mijn reis naar Nederland door laten gaan. Het was geen fijne week, ondanks blij te zijn een hoop vrienden en bekenden weer te spreken. En plots mocht Reina naar huis, noch voor ik terug in Turkije was. Behalve kil werden de avonden ook koud. Met hulpmiddelen wisten wij het behaaglijk te maken. Vanaf dat moment werd het huis stapje voor stapje meer en meer een woning. Maar het beviel ons ook niet, in meerdere opzichten.Het werd niet "eigen".

Vanaf december zijn wij ons gaan oriënteren voor een andere woning en ondertussen was onze aanvraag voor verblijf in behandeling. Allemaal spannende zaken, daar wij nog onvoldoende bekend waren met alles hier. Toch wisten, en weten, wij alles te regelen, wat geregeld moet worden.

De winter zijn wij goed door gekomen. Ondanks dat het voor dit gebied een strenge winter was zaten we regelmatig 's ochtends in het zonnetje koffie te drinken. Ik tekende erg veel en schilderde regelmatig. Dagen vlogen om. Tussendoor werden wij stevig geconfronteerd met de financiele problemen in Nederland. Juist toen het verkeerd af leek te lopen verkochten wij ons huis, al was de opbrengst teleurstellend, het had erger kunnen zijn. Ondertussen bouwden wij hier een bescheiden kennissenkring op en werd het leven vertrouwder. Ondanks de taalbarrière konden wij de weg telkens beter vinden. En toen ook deze woning eindelijk echt in zicht kwam leek de toekomst zich positief te ontwikkelen. Wij bleven voorzichtig om teleurstellingen te voorkomen. Die hadden wij inmiddels ruim voldoende mogen verwerken. Er was wel werk aan de winkel. Doordat er eindelijk ook een beetje financiele armslag was konden wij ons enkele aanschaffen permitteren. Ondertussen bleek de BMW een steeds duidelijker probleem te vormen, de reden dat wij al snel een andere auto hebben gekocht, op Turks kenteken. Inmiddels zijn hier alle problemen opgelost en bewegen wij ons tevreden in ons nieuwe huis. Je kan wel stellen, dat wij in Turkije gesetteld zijn, wat in Nederland maar niet lukt. Op zich een vreemde situatie.

Ons oudste hondje, Peppa, is inmiddels overleden, hebben we nu vier kippen (twee hanen en twee hennen) en is er een tweede kat (Jennah), die bij de woning hoorde. Reina wil nog een geit... Verder scharrel ik heerlijk over het terrein, zorg voor de plantjes en geniet van het zijn hier. Vergeleken bij de dag dat wij in Göcek aan kwamen en de dag, een jaar later, is er duidelijk sprake van een wereld van verschil, in heel veel opzichten. En zeker niet alleen in praktische zin. Misschien zit het grootste verschil wel in mijzelf. Niet dat ik een ander mens ben geworden, integendeel, ik blijf echt wel, wie ik ben. Het is dat ik dichterbij mijzelf ben gekomen. Makkelijker, minder neurotisch en zeker minder stress. Laatst vroeg iemand mij wat mijn plannen nu zijn. Met enige verbazing merkte ik helemaal geen plannen te hebben. Ik laat Gods wateren over Gods akkers vloeien. Okay, ik heb een ticket geboekt voor de Kunstlijn Haarlem, maar verder... Ik zie wel. Misschien zit ik over een jaar weer in Nederland. Alhoewel ik mij niet meer kan voorstellen voltijds in Nederland te wonen. Alles is mij te bekrompen, te geregeld en netjes en veel te veel op elkaar. Nee, verspreidt over het jaar houd ik het daar echt niet langer dan een maand of vier per jaar uit. Wat dat betreft ben ik wél veranderd. Ondanks dat ik al heel lang Nederland (deels) wilde verlaten heb ik de stap nimmer gezet. Angst, onzekerheid, maar nu is de stap vrij spontaan gezet. Ik heb daar het afgelopen jaar geen seconde spijt van gehad. Straks weer lekker tekenen en schilderen. Ik laat de toekomst wel komen. Ik hoop natuurlijk wel nog een forse toekomst voor mij te hebben. Ondanks mijn psychische wel bevinden heb ik mijn fysieke klachten; de hernia. Toch ook fysiek voel ik mij beter hier.



Het klinkt waarschijnlijk erg overdreven, maar toch heb ik hier een soort gevoel in het Paradijs te zijn. En gelukkig biedt dit paradijs ook wel eens een mindere dag, of kleine problemen. Echter dat alles weegt niet op tegen het goede gevoel. En helemaal niks negatiefs maakt het leven waarschijnlijk alleen maar saai. Wel, mijn leven is verre van saai! Iedere dag begint, maar je weet nooit hoe deze eindigt. Zo ook dit avontuur, we weten niet hoe het eindigt, edoch voorlopig blijven wij van dit avontuur genieten. Met volle teugen! In ieder geval beloof ik over een jaar weer een dergelijke blog, als deze te schrijven. Wat dit inhoud zal zijn is nu absoluut niet voorspelbaar. Hier heb ik geleerd; het leven is niet voorspelbaar en dat maakt dat we wegen zoeken het leven optima forma te ondergaan. We zien wel, maar nu schrijft een gelukkig mens.... Onze stap heeft iets goeds gebracht!

donderdag 28 augustus 2014

leven in den vreemde; de reis

bij Bonn, dag 1, lek!
De laatste week voor het vertrek was best zwaar. Vervelende telefoontjes met de bank. De ene mevrouw had het over emigreren. Dat doen we niet. Wel wonen wij even in het buitenland, tot de mogelijkheid zich voordoet in Nederland weer een vast adres te hebben. De andere mevrouw had het over vakantie. Nogal veroordelend zelfs. Na vijf keer uitleg dat het toch een ander verhaal was leek de boodschap te zijn aangekomen. Behalve de bank waren er tal van zaken, die de laatste week intensief maakten. Afscheidsborrels, etentjes en afspraakjes naast de laatste zaken opruimen en leeghalen. Al snel besloten we niet zondag, maar maandagochtend vroeg het vertrek vast te stellen. Tijd van uitstel die nodig bleek.
Samen met buurman Marc de aanhanger opgeladen, maar ik kreeg de indruk (na een ritje tanken) dat het toch wel erg zwaar was. ’s Avonds weer een hoop van de kar afgehaald. Een beetje in een blinde greep, maar we konden met vele kilo’s minder vertrekken, en dan nog was de
behoorlijk zwaar.
in de buurt van Vukovar; veel beschoten en verlaten huizen

Om vijf uur in de vroege morgenstond ontwaakte de wekker ons ruw uit de al te korte (en slechte) nachtrust. De laatste spullen naar het atelier en uiteindelijk, na twee uur heen en weer gepeesd te hebben, honden en kat in geladen en de deur definitief achter ons op slot te hebben gedraaid ving de reis aan. Door het koude en sombere Hollands aangeveegde landschap sukkelden wij richting itse grens. De ruitenwissers deden hun werk. De snelheidsmeter zou de komende 3400 kilometer keurig tussen de 90 en 100 (op de teller) blijven. De grens over. De grens die nauwelijks een grens te noemen is. Bij het van ouds bekende Oberhausen, rechts de A3 opdraaien, welke wij tot de Oostenrijkse grens zouden volgen. Met de afslag Bonn in de spiegel hoorden wij een enorme knal. Ik wist dat wij dat waren en inderdaad; een klapband van het rechter wiel van de aanhanger. Via de ANBW kwam na ruim een uur de ADAC, de Duitse zusterorganisatie. De band was snel gewisseld. Ja, ik had de banden nog gecontroleerd. Het profiel was nog uitstekend, maar ze zagen er wel een beetje oud uit… de binnenzijde bleek verpulverd. Met de te zachte reserveband reden we nog tien kilometer tot het volgende dorp. Garage één had nog een (winterband). Garage twee beschikte wel over juiste banden. Na een uur werden we keurig geholpen en de aanhanger beschikte over twee gloednieuwe banden voor nog niet de helft van de prijs in Nederland. Het had zo moeten zijn. Na een vertraging van ongeveer een kleine twee-en-een-half uur ging de reis voort. Gestaag, tot wij (569km) aan de Main de tent opzetten.. Ventje dacht nog even dat hij vrij wandelen had, maar toen de hond mij herkende trok hij een spurt van meer dan honderd meter, en ik had hem. Eten en slapen.
het hotel in Pirot, vlak voor de Bulgaarse grens
Dag twee was aangebroken. Via Passau passeerden wij de grens. Ook zo een waar je niets van merkt en niets aan hebt. In de ochtend… middag dus, waren we rond half een vertrokken. Lang wilden we niet reizen en de campings leken dun gezaaid, waardoor wij na 482 kilometer in het onbekende Pettenbach terecht kwamen. Doorgewinterde Kroatië-gangers kenden de camping blijkbaar wel, want er waren vooral terugkerende Holanders. Bijzonderheid was dat er binnen gerookt mocht worden. Verder, net als in Nederland de nodige spetters. Ondanks de geringe afstanden van de eerste dagen hadden we het wel even gehad en besloten nog een dag in het nietszeggende oord door te brengen. Een dag van hangen, hondjes uitlaten, slapen en noem maar op. Reina was vooral bezig met haar PC en iPad en een beetje teleurgesteld dat zij alles weer voor elkaar had gekregen (dus geen nieuwe nodig…). Wel blij dat ze alles weer op orde had. En net als iedere gewone campingganger aten we en daarna naar bed. Gelukkig begonnen de honden al wat te wennen en het nachtelijks geblaf werd minder. Kato (onze kat) werd rustig, wanneer zij in de binnentent was. Genoeg ingrediënten om daags daarna de reis te hervatten. So we did!
Tunnels. Kilometers tunnels. Sommigen van een paar honderd meter tot de langste van 12 kilometer. Kanarie werd ik er van. Een tussenstop was wel even lekker, maar deze dag ebben we toch zeker vijftig kilometer door bergen heen gereden, in plaats van er langs, of er over. De grens van Slovenië… Ja, een echte grens… die wel weer erg snel voorbij ging. Net als het land zelf, waar je met een uurtje doorheen jakkert, terwijl ik mijn snelheidsmeter nog steeds keurig op de eerder aangegeven cijfertjes hield. In Oostenrijk deed ik overigens even niet. Berg op haalde ik een vrachtwagen in, op de top was ik halverwege en daarna reed ik een stukje harder. De kas begon hevig te slingeren. Iedereen begrijpt natuurlijk dat het goed gekomen was. Haast even onopgemerkt reden wij alweer door Kroatië. Absoluut een goede
vrede tussen de dieren
weg, maar dodelijk saai. Het plan was aan het eind, voor de volgende grens te kamperen. Aan de Kroatische kust struikel je over de campings, maar hier was het een bijzonderheid. Via internet had ik er een gevonden. Tijdens de discussie over de afslag zijn we dan ook keurig aan voorbij gereden. Bij Lipovic wel de weg afgegaan. Naar Lipovic zelf. Nog 17 km door, zei men daar. In Vikovar was wel wat leven, maar geen camping. Reina wilde direct al een hotel, zelf dacht ik nog steeds aan het kamperen. Weer verder, tot we bij de snelweg terugkwamen. De politie hield ons aan. Wat de bedoeling hiervan was is volslagen onduidelijk (voor hen zelf waarschijnlijk ook). De snelweg op. Herhaling van ongeveer 24 kilometer en na 574 en het pikkedonker kwamen we aan op de camping. De camping was gesloten, maar gelukkig mochten we (met onze dierentuin) overnachten. OP een saai en stil DDR terras een hapje naar binnen werken en naar de kamer, alwaar de honden en kat na zes jaren vrede hadden gesloten.
Ruim 60 kilometer omgereden, maar wel een indruk gekregen van de strijd rond Vukovar. In de dorpen (en steden) zagen wij vele dichtgetimmerde huizen, vol kogelgaten. De gevolgen van de harde strijd waren na al die jaren nog in volle omvang zichtbaar. Ik moet toe geven dat dit toch een indrukweekkende ervaring is.
verlaten tankstation in Servie...
Dag vijf was aangebroken. Het plan was Servie binnen te gaan en aan het eind van het land te kamperen. Zo geschiedde. Een echte grens. Je staat dan in files zonder veel beweging en je vraagt je af wat die gasten in die bloedhete loketjes nu eigen doen. Wanneer dit iets met macht te maken heeft is dat wel zielig. Top was natuurlijk de stempel in het paspoort. Eindelijk een echte grens over. En karren maar. Een enorm saai landschap. Dus, oogkleppen op en kilometers maken. Een dat lukte en met 450 km gassen stonden we in het centrum van Pirot voor hotel… Goed en goedkoop. Kat naar de kamer, we aan het terras aan de alcohol. Heerlijk en voldoende. Tijdens het uitgebreide borreluurtje was met bezig enkele planten te verpoten, wat een mooi schouwspel oplverde daar de gehele familie een voortreffelijk stukje samenwerking oonde. Voor het avondmaal dienden wij ons echter in het centrum te vervoegen. Tien minuutjes lopen. Een hypermodern winkelcentrum, trendy en hip. Pizza eten, drinken, helemaal top. En het voordeel  was dat we zo weer in het hotel waren. Met twee honden en een kat op bed vatte ik de slaap.
behalve slechte wegen ook een hele mooie
kloof in Bulgarije
De volgende ochtend snel op pad. Geen bijzonderheden of interessante zaken om uit te wisselen. Hooguit dat wij elkaar wat meer begonnen af te bekken. Gelukkig kwam als snel de grens: Bulgarije. Servië uit duurde langer dan Bulgarije in. Een prachtige snelweg. Bij Sofia werd het al minder. In Sofia klote. Een omleidingsroute met wel heel slecht (bijna Venezolaans) wegdek. Oponthoud dus. Na heel de stad vrijwel omcirkeld te hebben werd het weer snelweg. Een stuk beter dit keer. Onderwijl ontdekte ik het sleuteltje van de hotelkamer in Pilot nog te bezitten. Ik hoop maar dat zij voldoende kopietjes hebben. Maar, schijt daar aan. Bulgarije door. Bij Nic (met een kommaatje onder de c, maar weet nog niet hoe ik die op deze laptop kan vinden) werd de weg weer echt minder en tweebaansweg. Het gevolg prachtig; een slingerend ravijn. Vervolgens werd de weg langzaam beter en de Turkse grens werd na een stuk schitterend maar doelloze snelweg bereikt. En ja hoor; heeft u
een enorme rij vrachtwagens op weg naar
het westen, wachten voor de bulgaarse
grens
papieren van die aanhanger?
Nee! Wat gaat u doen? Vakantie (het is immers stom iets anders te zeggen). Gaat u maar even opzij staan. Sta je daar, mag je na een poosje naar de X-ray hal. Openmaken! Reina deed de achterkant open. Maar dat was niet genoeg, dus al die spanbanden los en met vereende kracht de kar open. Wat is dat? Reservetent. En dat? We houden van luxe… na een aantal van dat soort onzinnige vragen en nog onzinnigere antwoorden was het opeens goed en mochten wij Turkije in. Even goed de spurt erin, daar het immers al over zessen was (het is daar een uur vroeger). De kilometers tikten aan, maar we haalden na 755 kilometer Kasan. In hotel Linda (hotel op de eerste rotonde) konden wij terecht. De hele veestapel en wij op 5m2. Uitpakken en op het nabij gelegen terras eten. We moesten wel aan het buitenste tafeltje zitten, omdat niet alle Turken van honden gediend zijn. Overal lopen los lopende honden sloom voortbewegend. Maar goed; een kebabje er in, even met de honden lopen en al vroeg te bedde.
Om even zes uur waren we wakker. Na het plegen van alle rituelen vertrokken wij om exact 07:15 uur. Inmiddels hadden wij het toch wel licht debiele besluit genomen in een ruk door te rijden. Beter voor de dieren. Tien uur waren we bij de pont en anderhalf uur later reden wij op Aziatische bodem. Goede Turkse wegen, maar ook een bergpas. Dat hield nog even flink op. Daarna reed het allemaal weer flink door. Overigens rijden die Turken over het algemeen: onbetrouwbaar, chaotisch, en zelfregulerend. Helemaal mijn straatje dus, alhoewel een abrupte handeling niet altijd te voorkomen was. Inmiddels was het ook nog eens bloedheet (een van de warmste dagen van het jaar met meer dan veertig graden op het kwik). Doorrijden was geen probleem. Na Izmir een stop gemaakt. Hier hebben onze honden kennis gemaakt met enkele loslopers. Een aardige kennismaking overigens. Inmiddels werd Gocek (hier weer het c verhaal) een steeds reëlere optie. De Una bergpas hield het tempo
de Una bergpas

tegen, maar de beloning zat in het schitterende gebied. Eenmaal weer beneden werd Reina bevangen door de hitte. Bij een stop heeft zij zich onder een koude waterstraal gedompeld, waarna het weer beter ging. En zo kwam het dat wij exact om 19:15 (dus 7:15!!!) voor de Atatturk Boulevard 59 stonden. Reina nam een foto… en nu? Naar het kantoor, want ze kon Wilma niet bereiken, waar Wilma ook niet was… naar het huis. Blijkt alles gewoon open te zijn… We zijn thuis!!! De tocht van de dag was de langste (755 km) en in totaal heen wij 3468 kilometer asfalt versleten. Op zich geen bijzondere prestatie en de reislustigen onder ons draaien hier ook echt niet de hand voor om. Echter, met een toch wel iets te volle aanhanger, drie honden en een kat wordt zo een gewone stevige reis een hele onderneming. De aankomst voelt ook echt als een zekere prestatie. Heel subjectief natuurlijk.
Het is grappig, door zo te reizen, te erken hoe landen en culturen lanzaam in elkaar over gaan. Het doel leek onwerkelijk, en aan het idee ben ik nog aan het wennen. Feit is dat ik deze onderneming nooit heb willen missen, maar het ook niet snel nog eens zo doe……


Ataturk Boulevard in Gocek (Mugla), ons nieuwe thuis