Soms voel ik mij, als buitenlander, heel onnozel. Dat is zeker gerelateerd aan de taal, maar ook dat er zoveel zaken hier anders gaan. Gisteravond was er geen stroom. Alleen bij ons. Onder de hoofdstop zit een digitale elektrometer. Deze gaf ook niets meer aan. Ik dacht aan een technisch probleem.
Hedenochtend ging ik naar de elektricien en vroeg langs te komen. Weer thuis sprak ik Mustafa, de huisbaas. Volgens hem was de rekening niet betaald en waren we afgesloten. Ik moest maar naar het postkantoor om te betalen. Nu weten we vaak niet wanneer er een rekening komt. Niet zo maar een keer per maand, op een vaste dag, maar wanneer het uit komt. Twee dagen geleden kwam de meteropnemer. In de tussenliggende twee maanden hebben we niemand gezien. Dat kan, want de meteropnemer laat niets achter, waardoor je weet dat er een nieuwe rekening is. Hier is geen mobiel internet, dus moet je de rekening bij de Muhtar opvissen. Daar was ik twee weken geleden al, maar niets te zien. Ook Ibrahim (zwager van Mustafa en goed Duits sprekend) gaf aan dat er nog helemaal niets was. Maar door de woorden van Mustafa voelde ik mij toch wat onnozel.
Dus, weer naar het dorp. Bij het postkantoor konden zij mij niet helpen. Internet lag er uit. Kom over een uurtje maar. Ondertussen ben ik naar de bank gegaan, om automatische betaling te regelen. Omdat het uur nog niet om was nog even thee gaan drinken en vervolgens terug naar de PTT. Ja hoor, de computer deed het. Alleen, er was geen openstaande rekening te vinden. Ga maar naar de bank om te betalen. Geen goed idee. Via een omweg hoorde ik dar Caner thuis was. En jawel, hij kijkt op internet en er staat niets open. Conclusie: toch een technisch probleem. Ook dan voel je jezelf weer onnozel. Enfin, hij belt met de huisbaas en vervolgens de elektricien. Die komt morgen, tussen een en twee..
In ieder geval kon ik weer huiswaarts. Ik de berg weer kom. Onderweg claxonneerde nog een scooter heel enthousiast... Echter door de helm kon ik niet zien wie. Thuis komt mijn vrouw naar buiten en ontsteekt het licht! De elektricien was net geweest. Binnen vijf minuten was het geregeld: de hoofdstop is vervangen...
Het heeft mijn dag gekost, terwijl ik eindelijk weer wat voor mijzelf wilde doen én nog wat klussen. Reina, mijn vrouw, had ondertussen van de deur in de badkamer een schuifdeur gemaakt. Ik had mijn tijd verdaan. Ook dan voel ik mij toch weer even onnozel. Maar goed, alles is weer in orde. Ik wil Caner bellen, om te zeggen dat het geregeld is. Lukt niet. Een Turkse stem ratelt een bericht af, maar bellen gaat niet... We hadden toch al geregeld dat telefoon én internet automatisch betaald zouden worden? Weer iets niet goed geregeld? Ik word er wel een beetje moe van, doch het sterkste gevoel is dat ik mij telkens de onnozele buitenlander voel. Want dat is het toch een beetje. Omdat je de taal onvoldoende machtig bent, de regels anders zijn en het systeem ons vreemd weet je niet of je voor verrassingen komt te staan en welke. Best spannend natuurlijk, alhoewel soms ook wel lastig.
De andere kant zijn er ook positieve verrassingen. Zoals gisteren in het ziekenhuis. Reina moest een röntgen foto laten maken, daar een MRI (kon ook met een uurtje) en we zijn drie keer bij de arts geweest. Daar het geen noodgeval was moesten we voorschieten; € 120 alles bij elkaar... Niet te geloven! Behalve het financiele verrassinkje ook het feit dat er eigenlijk binnen tien minuten werd geconcludeerd dat er sprake was van een nekhernia. In dit geval ging mijn gevoel van onnozelheid linea recta naar de Nederlandse zorg en met name het Kennemer Gasthuis.
Vele malen zijn we langs geweest, meerdere specialisten bezocht en niemand die ook maar op het idee kwam dat het een nekhernia kon zijn. Hoe vreselijk achterlijk. De zorg in Nederland is duur. De zorg in Nederland is traag. De zorg in Nederland schiet te kort. Er wordt veel te veel vanuit oogkleppen en portemonnee naar de patiënt gekeken. Nee, ook dat is hier anders. Maar wel deskundiger, efficiënter en stukken goedkoper.
De wereld zit vreemd in elkaar. Ach en dan heb ik er niet zo heel veel moeite mee, wanneer ik af en toe de onnozele buitenlander mag uithangen....
Posts tonen met het label elektra. Alle posts tonen
Posts tonen met het label elektra. Alle posts tonen
vrijdag 4 december 2015
dinsdag 6 oktober 2015
In den vreemde: de rekening (53)
Eerder heb ik al een uitleg gegeven over het betalen van de elektra rekening bij de pinautomaat. Immers in Göcek liet de meteropnemer altijd een print achter, zijnde de rekening.
Recent kwam ook op ons adres in Gökceovacik de meteropnemer. Maar, we ontvingen geen print. In mijn beste Turks dus om dat papiertje vragen. Het antwoord was kort: Muhtar. Nu wist ik dat Göcek over een muhtar beschikt, maar blijkbaar dit dorp ook. Gezien de hoofdbeweging bij het korte antwoord moest ik er vanuit gaan dat er namelijk hier ook zo een functie bestaat. En weg was de meteropnemer.
Enkele dagen later sprak ik de zwager van onze huisbaas; Ibrahim Bakak. Ibrahim heeft lang in Duitsland gewoond, wat voor de communicatie alhier een opsteker is. Ibrahim woont naast de moskee. Ibrahim vertaalde het woord muthar met Burgermeister. Ik denk dat wij het beter kunnen vertalen met dorpsoudste. En vanaf onze waranda woont de muhtar in het tweede huis. Is hij daar niet, is hij in zijn nieuwe huis, een stukje achter de moskee.
Ik, op het brommertje, op zoek naar het tweede huis. In de ruime voortuin stonden een paar grote zwarte ketels op rokende vuren. Twee vrouwen, in dorps dracht, liepen met hout te zeulen. Over het hek vroeg ik: "Muhtar?" De jongste vrouw, uitermate stevig gebouwd, gaf met een hoofdknik aan dat de andere vrouw de vrouw van de muhtar was; de muhtarin. Ik stap af, schuif het metalen hek opzij en wandel op beide dames af. Om te beginnen stelde ik mij voor als "nieuwe" bewoner van het huis van Mustafa. Nou, dat was al heel wat, een gebaar wat bijzonder gewaardeerd werd. Dat maak ik tenminste op uit de mimiek van beide vrouwen, die van een onweersblik naar een zonnige uitstraling over ging.
Met de hand gebaarde de oudste van de twee mee te lopen. Langs het huis een stukje de heuvel op. Het tweede huis, waar ik moest zijn, bleek in de rij erachter te staan. Een korte wandeling langs kippen, hout, hekjes, rommel, antiek, etc. Zelfs het Openlucht Museum in Arnhem vertoont niet zoveel bijzonderheden en bezienswaardigheden van het oude Nederland, als dat ik op deze vijftig meter tegen kwam.
Het huisje van de muhtar is een klein huisje. Een waranda, vanwaar je rechtstreeks in de woonkamer kijkt, volgepropt met grote, statige en kitscherige banken. Aan de buitenzijde van de overkapping een oude groene waslijn. Veel knijpers en onder een aantal knijpers een stapel papiertjes. Verder war doekjes en kleine rommel. Mevrouw nam een stapeltje van de lijn en overhandigde mij dit. Aangezien de papiertjes erg dun waren bleek het een forse stapel.zij verdween en ik stond buiten. Legde de stapel op de tafel en bladerde er doorheen. Tot ik een tweede stapel zag liggen, onder een losse watermeter. Deze velletjes zagen er nieuwer uit, dan de al half verbleekte rekeningen van de eerste stapel. Nu zag ik ook de datum. Inderdaad was het tweede hoopje de recente rekening. De stapel weer door. De muhtarin had inmiddels afscheid genomen en daar stond ik. Het nummer boven onze meter had ik op een papiertje geschreven, maar kwam ik nergens tegen. Op naam van mijn huisbaas, Mustafa Sandiroz, kwam ik een stuk of vijf rekeningen tegen, waarop bij eentje het nummer 95 genoteerd stond. Die nam ik uiteindelijk maar uit de stapel en schoof het in mijn broekzak. Behalve de naam van mijn huisbaas kwam ik nog enkele namen meerdere keren tegen, waarvan soms de voornaam verschilde, soms overeen kwam. Türkmen, Bakak waren de bekendste en meest voorkomende namen. Een heus imperium van een paar families dus, dat dorp waar wij wonen. Blijkbaar ook heel normaal, in Turkije. In de slipstream van alle rekeningen zag ik ook de naam van onze Nederlandse achterbuur. Ik ken hem als Ton. De naam op het papiertje toonde een chique Nederlandse naam en Ton bleek ook maar een afkorting.
Met mijn papiertje naar mijn brommertje en naar huis. Daar opende ik het deurtje van de elektrometer en jawel nu zag ik een overeenkomend nummer. Met enige trots kon ik de conclusie trekken dat ik de juiste er tussenuit heb weten te halen.
Op het brommertje naar Göcek. Sta ik bij de pinautomaat (niet bij iedere automaat kan je ook betalen), is deze buiten werking. Ook onze waterrekening kon ik niet voldoen. Alles buiten werking. Vandaag dus maar weer naar beneden, zodat ik misschien vandaag wél mijn rekeningen kan voldoen...
Recent kwam ook op ons adres in Gökceovacik de meteropnemer. Maar, we ontvingen geen print. In mijn beste Turks dus om dat papiertje vragen. Het antwoord was kort: Muhtar. Nu wist ik dat Göcek over een muhtar beschikt, maar blijkbaar dit dorp ook. Gezien de hoofdbeweging bij het korte antwoord moest ik er vanuit gaan dat er namelijk hier ook zo een functie bestaat. En weg was de meteropnemer.
Enkele dagen later sprak ik de zwager van onze huisbaas; Ibrahim Bakak. Ibrahim heeft lang in Duitsland gewoond, wat voor de communicatie alhier een opsteker is. Ibrahim woont naast de moskee. Ibrahim vertaalde het woord muthar met Burgermeister. Ik denk dat wij het beter kunnen vertalen met dorpsoudste. En vanaf onze waranda woont de muhtar in het tweede huis. Is hij daar niet, is hij in zijn nieuwe huis, een stukje achter de moskee.
Ik, op het brommertje, op zoek naar het tweede huis. In de ruime voortuin stonden een paar grote zwarte ketels op rokende vuren. Twee vrouwen, in dorps dracht, liepen met hout te zeulen. Over het hek vroeg ik: "Muhtar?" De jongste vrouw, uitermate stevig gebouwd, gaf met een hoofdknik aan dat de andere vrouw de vrouw van de muhtar was; de muhtarin. Ik stap af, schuif het metalen hek opzij en wandel op beide dames af. Om te beginnen stelde ik mij voor als "nieuwe" bewoner van het huis van Mustafa. Nou, dat was al heel wat, een gebaar wat bijzonder gewaardeerd werd. Dat maak ik tenminste op uit de mimiek van beide vrouwen, die van een onweersblik naar een zonnige uitstraling over ging.
Met de hand gebaarde de oudste van de twee mee te lopen. Langs het huis een stukje de heuvel op. Het tweede huis, waar ik moest zijn, bleek in de rij erachter te staan. Een korte wandeling langs kippen, hout, hekjes, rommel, antiek, etc. Zelfs het Openlucht Museum in Arnhem vertoont niet zoveel bijzonderheden en bezienswaardigheden van het oude Nederland, als dat ik op deze vijftig meter tegen kwam.
Het huisje van de muhtar is een klein huisje. Een waranda, vanwaar je rechtstreeks in de woonkamer kijkt, volgepropt met grote, statige en kitscherige banken. Aan de buitenzijde van de overkapping een oude groene waslijn. Veel knijpers en onder een aantal knijpers een stapel papiertjes. Verder war doekjes en kleine rommel. Mevrouw nam een stapeltje van de lijn en overhandigde mij dit. Aangezien de papiertjes erg dun waren bleek het een forse stapel.zij verdween en ik stond buiten. Legde de stapel op de tafel en bladerde er doorheen. Tot ik een tweede stapel zag liggen, onder een losse watermeter. Deze velletjes zagen er nieuwer uit, dan de al half verbleekte rekeningen van de eerste stapel. Nu zag ik ook de datum. Inderdaad was het tweede hoopje de recente rekening. De stapel weer door. De muhtarin had inmiddels afscheid genomen en daar stond ik. Het nummer boven onze meter had ik op een papiertje geschreven, maar kwam ik nergens tegen. Op naam van mijn huisbaas, Mustafa Sandiroz, kwam ik een stuk of vijf rekeningen tegen, waarop bij eentje het nummer 95 genoteerd stond. Die nam ik uiteindelijk maar uit de stapel en schoof het in mijn broekzak. Behalve de naam van mijn huisbaas kwam ik nog enkele namen meerdere keren tegen, waarvan soms de voornaam verschilde, soms overeen kwam. Türkmen, Bakak waren de bekendste en meest voorkomende namen. Een heus imperium van een paar families dus, dat dorp waar wij wonen. Blijkbaar ook heel normaal, in Turkije. In de slipstream van alle rekeningen zag ik ook de naam van onze Nederlandse achterbuur. Ik ken hem als Ton. De naam op het papiertje toonde een chique Nederlandse naam en Ton bleek ook maar een afkorting.
Met mijn papiertje naar mijn brommertje en naar huis. Daar opende ik het deurtje van de elektrometer en jawel nu zag ik een overeenkomend nummer. Met enige trots kon ik de conclusie trekken dat ik de juiste er tussenuit heb weten te halen.
Op het brommertje naar Göcek. Sta ik bij de pinautomaat (niet bij iedere automaat kan je ook betalen), is deze buiten werking. Ook onze waterrekening kon ik niet voldoen. Alles buiten werking. Vandaag dus maar weer naar beneden, zodat ik misschien vandaag wél mijn rekeningen kan voldoen...
Abonneren op:
Posts (Atom)