De lucht is licht bewolkt, de temperatuur zacht. Ik sta voor het raam en staar gedachteloos naar het bed van stenen. Ik kijk naar het graf van ons hondje. Kort geleden hebben we hem in laten slapen. De eerste dagen worstelde ik met verdriet en schuld. Noah, het hondje, was niet zelf overleden. Nee, ik heb de dierenarts gevraagd langs te komen. Toen hij arriveerde wandelde Noah over het gras voor de deur. Hij zag er bijna tevreden uit. Hij werd op schoot genomen. Een slaapmiddel ingespoten. Heel rustig, bijna gerustgesteld viel hij in een diepe slaap, waarna de tweede injectie het leven definitief beëindigde... Vredig trok het leven uit Noah. We hebben het overschot op een tafeltje gelegd. De andere honden roken er even aan en vervolgden hun spel. Vervolgens hebben we Noah op bed gelegd. Tot het eind van de avond. Daarna is hij tot de volgende dageraad op het logeerbed neergelegd.
Verdriet en schuld. Verscheurd door twee tegenstrijdige gevoelens. Je, ik heb mee gewerkt aan de dood van het dier. Hij liep nog rond. Wat een schoft ben ik. Maar hij was ziek. De laatste, bijna, drie maanden was het onze Noah niet meer. Zijn buik dik en toenemend gespannen. De eetlust daalde tot een dieptepunt. Drinken ging matig en meneer weigerde steeds meer zijn medicatie. Soms kon hij tijden apathisch staan. Dan weer zag je heel kort het oude beessie. Kort, maar verder lag hij veel. Trappen waren een obstakel geworden. Zwaar ademend lag hij te slapen. Nee, ik ben geen moordenaar. Noah leed en er zou geen eind aan komen. We hebben hem geholpen, zijn rust te vinden
Ons twee hondje, in iets meer dan een jaar. Peppa die plotseling verlamd raakte. Nee, ik moet accepteren dat hij leed. Peppa was ouder. Waarschijnlijk een attaque gehad, of zo iets. Bij haar hebben we het besluit veel sneller genomen. Het was ook duidelijker, want Peppa kon echt niets meer. In drie dagen kon zij niet meer lopen tot niet eens meer zichzelf voort slepen. Zij overleed op 10 november, 09:05 uur, de dag en tijd dat Atatürk destijds overleed. Peppa hebben wij in de tuin van mijn schoonzus begraven. Toen kon het ook nog niet bij ons in de tuin. Gelukkig ligt Noah wel dicht bij ons.
Vroeger heb ik katten gehad. Drie stuks: Bolle, Dikke en later ook Roodje. Als eerste was Roodje weg. Later hoorden wij dat hij op de Leidsevaart was aangereden. Het lijkje hebben we nooit gezien. Dikke verdween als tweede. De laatste keer dat ik hem zag renden er twee Dobermann Pinchers achter hem aan. En Bolle..., die kon niet meer aarden. Mijn meest trouwe kat kwam niet meer binnen, behalve wanneer ik alleen was. Uiteindelijk heb ik hem drie maanden op mijn werk gehad. Gelukkig vond hij een tehuis bij de vader van een collega. De laatste keer dat ik Bolle zag reed hij weg met mijn collega. Ik heb nog wel gehoord dat hij een goed keven had op de boerderij en goede maatjes is geworden met de herdershond aldaar. God, wat heb ik Bolle vreselijk gemist. Ik heb nooit afstand van hem willen doen, ware het dat de situatie echt niet meer toestond dat ik hem hield. Nee, dat zou heel dieronvriendelijk zijn geweest. Ondanks dat Bolle niet dood was heb ik zo veel verdriet gehad. Het was mijn eerste kat. Een geweldige lobbes. Gelegen op mijn schouders, gewrongen om mijn nek, deed ik boodschappen bij Albert Heijn, in Overveen. Bolle bleef zitten. Het was nauwelijks een kat, maar leek soms veel meer op een hond. Ik nam Bolle regelmatig mee.
Ondanks de pijn van Bolle heb ik nooit echt de dood van een huisdier mee gemaakt. En ergens in mijn achterhoofd had ik ook het gevoel dat zo iets ook niet zo erg was. Dieren leven immers korter. Dieren zijn geen mensen. Tot de dood van Peppa, ruim een jaar geleden. Zonder schaamte durf ik te zeggen, dat ik gehuild heb. Vol verdriet heb ik een kistje gemaakt en waardig hebben wij afscheid genomen. Daarna werd Kato, onze kat ziek. Ik voelde dat mijn rouw toch minder zou zijn, gelukkig leeft Kato nog steeds. Oud, maar rustig en tevreden. Dat er alweer een dierenleven zou eindigen had ik niet verwacht. Althans, niet zo snel. Noah was een stronteigenwijs dier, luisterde slecht, stal al het eten wat ie kon stelen en lange tijd piste ie binnen. Maar het was een geweldige hond. Een knuffel, een teddybeer in hondenuitvoering. Een vrijdoos en je kon echt alles met Noah doen.
We wisten dat Noah een hartruis had, maar het besef van de consequentie was nauwelijks aanwezig. Het was een levendig beest en niets wees er op dat ie iets onder de leden had.
Tot half december vorig jaar. Hij begon enorm te hoesten, werd opeens een stuk passiever en zijn buik leek licht opgezwollen. De eerste diagnose was Kennelkuf. Na twee weken bleek duidelijk dat het iets anders was. Een röntgenfoto gaf uiteindelijk de duidelijkheid. Het duurde even voordat de juiste medicatie gevonden was. De dierenarts overlegde met de huisarts en later met een gepensioneerde hartspecialist. Na een periode dagelijks een injectie kwam er een pil. Verstopt in gehakt nam Noah dat tot zich, tot hij door had wat er in dat bolletje gehakt zat. Ondertussen werd het nauwelijks beter. De buik leek wel een strak opgepompte voetbal. Verder werd hij magerder en magerder. Ook de haren op zijn neus vielen uit. Op het laatst leek hij wel een neusaap in een hondenjasje. En lange tijd kon hij stil staan. Als een levend beeld. De oude Noah was weg. Er was een rustig hondje, wat apathisch. Ondanks alle zorg en medicatie werd het niet beter. Uiteindelijk heeft Reina de knoop door gehakt en heb ik de dierenarts gehaald.
En dan lag hij daar... Dood. Het verdriet van Reina was groot, maar ook mijn verdriet was flink. Ondanks dat ik in dat soort situaties vooral praktisch word en handel, verstomde ik steeds weer even.
Het is vreemd wanneer zo'n trouw huisdier overlijdt. Dan merk je hoe het een deel van je leven uit maakt. Zeker bij ons, de beestjes sliepen op bed bijvoorbeeld (niet dat we dat wilden, maar ze hadden het gewoon afgedwongen, wat wel iets zegt over hun positie binnen het gezin). Op een maand na tien jaar. We hebben Ventje nog, en Loulou, Kato en Jennah. Ik hoop dat ze oud worden en vredig aan hun eind komen. Ik wil niet meer dat ik de dierenarts moet halen voor de levensbeëindiging. Dat voelt niet goed, als was het beide keren het beste.
Noah, rust zacht. Je was een gek en te gek hondje!.....
Posts tonen met het label dierenarts. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dierenarts. Alle posts tonen
zondag 13 maart 2016
Noah
Labels:
Albert Hein,
Bolle,
dieren,
dierenarts,
Haarlem,
hond,
kat,
Leidsevaart,
liefde,
Noah,
Peppa,
Ventje,
ziek
maandag 4 januari 2016
In den vreemde; animal story (59)
Wij vertrokken uit Nederland met drie honden en een kat. Moeder Peppa, een West Highland Terriër (Westy), Noah de vader (kwart Maltheser) en de zoon Ventje. Kato was de kat. Zowel Peppa als Kato waren al redelijk op leeftijd. Peppa was ruim 13 en Kato 16. Katten worden nu eenmaal ouder dan honden. We werden een hecht gezinnetje. Ook Kato maakte er weer deel van uit, wellicht door de reis. In ieder geval waren we erg blij dat de poes niet meer separaat van de honden leefde en zelfs goed met de honden samen bleek te kunnen. Alleen Kato en Peppa boterde niet zo.
Begin november 2014 zakte Peppa plots door haar pootjes. Het begin van het einde en op 10 november om 09:05 uur hebben wij haar in laten slapen (het zelfde moment en zelfde dag overleed Atatürk, jaren geleden).
Voor Kato was de deur naar de andere honden nu helemaal open en ze werden vriendjes. Alleen Kato is een oude kat. Nog voor het overlijden van Peppa was zij ziek. Wat het was is tot op vandaag niet duidelijk, maar ze kwam er bovenop. Het voorjaar van 2015 werd Kato weer ziek. Weer naar de dierenarts en weer kwam de kat er bovenop. Kato leidt een goed leventje, eet fors, maar is graatmager geworden. Ouderdom en lichamelijke gebreken. Inmiddels zijn we begonnen met een speciaal dieet voor oude katten. Omdat hartproblemen een rol spelen bij Kato moet het nieuwe voedsel de juiste voedingswaarden geven, waardoor ze minder hoeft te eten en toch weer wat steviger wordt. Inmiddels gaat Kato echter wel naar de 18 toe.
Vorige voorjaar had Wilma vier kuikens, van haar kip Uli. Wij wilden wel kippen en Wilma wilde de kuikens niet. Snel een hok getimmerd en daar kwam Uli met de vier kleintjes. Na een poosje deed Uli echter zeer onaardig naar haar kroost en brachten we haar snel terug naar Wilma. Ondertussen groeiden de twee Hanen en twee kippen op. De eieren kwamen en het was een leuk koppel.
Omdat wij niet tevreden waren met onze woning zichten wij iets anders. Eind maart (2015) vonden we een leuk huis, maar daar konden we pas in juni terecht. Wel mocht ik alvast een groentetuin onderhouden. Nu werd dat dit jaar een fiasco, maar iedere keer wanneer ik kwam liep dat een leuke kleine poes rond. Het leek er op dat de buren regelmatig eten gaven, wat ik deels van hen over nam. Later vernamen wij dat de poes van de vorige bewoner was, die een jaar daarvoor overleden was. Het diertje kwam mij altijd tegemoet, wanneer ik aan de ontginning van het stukje grond kwam werken. Eindelijk konden we in de woning. Bij de overdracht verzocht de weduwe of wij het poesje over wilde nemen. Vrij snel moet je dan beslissen en wij gingen akkoord. Dus, na de verhuizing, hadden we er echt een poes bij; Jennah (haar originele naam was Diana, maar dat klinkt niet voor een poes).
De integratie met de andere dieren verliep vrij soepel. Zelfs Kato toonde een zekere acceptatie, maar regelmatig haalt ze nog steeds uit naar Jennah, alhoewel ze ook vrij dicht naast elkaar op de bank kunnen liggen.
Eindelijk wat rust. De honden, katten, kippen, het leefde allemaal rustig met en naast elkaar. Wel vond ik het aantal kippen, op twee hanen, wat mager. Met mijn verjaardag vroeg ik er dus kippen bij. En ja, ik kreeg twee kippen. Een grijze en een bijna zwarte. Hebben de eerste vier namen (Willem, Reinout, Sproet en Gerard), de nieuwe lichting zal naamloos door het leven gaan en in principe ook al het toekomstige pluimvee. En dat toekomstige bleek geheel niet ze ver verwijderd te zijn. Begin november begon Gerard serieus te broeden en op 25 november liepen er vier schattige kuikens door het hok. Twee dagen later waren het er opeens drie en dat is het aantal tot de dag van vandaag. Het spul groeit als kool en op de kippenwei begin het een aardig gezelschap te worden.
Eind december werd Noah duidelijk niet goed. Wij wisten al enkele jaren dat hij een hartruis had. Dit leek eigenlijk iets anders. Hij blafte heel erg. Bij de dierenarts kregen wij een antibioticum kuur. Het ging echter niet beter. Bovendien dijde Noah erg uit, terwijl hij steeds minder at. Bijna om de dag vertoonden wij ons wel bij de dierenarts. Uiteindelijk is er een röntgenfoto gemaakt. Een vergroot hart en enorm veel vocht. Het hart functioneert duidelijk inmiddels nóg slechter. Noah is nu de oude niet meer. Morgen hopen wij dat de hartpillen arriveren, alhoewel wij vrezen dat het toch het langzame einde van Noah in luidt. Nog maar 9, bijna 10. We zien wel en ondertussen vertroetelen wij het lieve dier.
Dit bracht ons er wel toe een krappe week geleden te discussiëren over de toekomst. Ventje alleen..., het is eigenlijk geen hondje om alleen te zijn. De gedachte aan een nieuwe hond was er. We dachten te zijner tijd een middelmaatje aan te schaffen. In ieder geval iets groter. Vorige week kwam Wilma langs met een logeer hondje, en dat soort leek ons helemaal geschikt. Maar, voor de toekomst...
Gisteren, in de loop van de dag, belde Wilma op. De tandarts (tevens zoon van de huisbaas) heeft een vier maanden oude Golden Retriever. Die had hij aangeschaft voor de kinderen, maar de ruimte en tuin (hinden wonen en keven hier buiten, behalve die van ons) was echt te klein. Het ging niet goed. Hij had wel aan ons zitten denken, maar legde de vraag bij Wilma neer; wil je een hond? Dus overleg. De conclusie was dat ze dat vooral niet moet doen, omdat zo een hond (of nu überhaupt een hond) niet in haar leven past. Daarop werd de vraag ons gesteld. Druk overleg, doch wij waren er spoedig uit. We doen het. Wilma gebeld en zij zou ons besluit door geven.
Begin van de avond gaat de telefoon. Musafer wil de hond komen brengen. Een half uur later was hij er, met zijn twee zoontjes. Die mogen altijd langs komen en met hun hond, nu de onze, komen spelen. De hond is een teefje en een van de jongetjes had de naam Poppy al toebedacht, dus die houden we.
Wederom is ons dierenrijk tijdelijk uit balans, moeten posities weer bevestigd en veroverd worden, maar op zich gaat het prima, al hebben we de komende tijd natuurlijk wel veel werk om dat kleintje goed op te voeden... Nacht een mislukte overigens al. Van zijn dekentje was hij op bed gekropen. Ventje vond dat niet leuk, wij eigenlijk ook niet, maar Poppy is zo lief en net bij ons... Ik moet er niet aan denken dat we straks met twee kleine hondjes én een Golden Retriever op bed slapen.
Tja. We kwamen met vier dieren. Nu zitten we met 14 dieren... En het maakt ons alleen maar gelukkiger, ondanks alle snelle veranderingen en beslissingen. Het begint al echt een boerderijtje te lijken....
Begin november 2014 zakte Peppa plots door haar pootjes. Het begin van het einde en op 10 november om 09:05 uur hebben wij haar in laten slapen (het zelfde moment en zelfde dag overleed Atatürk, jaren geleden).
Voor Kato was de deur naar de andere honden nu helemaal open en ze werden vriendjes. Alleen Kato is een oude kat. Nog voor het overlijden van Peppa was zij ziek. Wat het was is tot op vandaag niet duidelijk, maar ze kwam er bovenop. Het voorjaar van 2015 werd Kato weer ziek. Weer naar de dierenarts en weer kwam de kat er bovenop. Kato leidt een goed leventje, eet fors, maar is graatmager geworden. Ouderdom en lichamelijke gebreken. Inmiddels zijn we begonnen met een speciaal dieet voor oude katten. Omdat hartproblemen een rol spelen bij Kato moet het nieuwe voedsel de juiste voedingswaarden geven, waardoor ze minder hoeft te eten en toch weer wat steviger wordt. Inmiddels gaat Kato echter wel naar de 18 toe.
Vorige voorjaar had Wilma vier kuikens, van haar kip Uli. Wij wilden wel kippen en Wilma wilde de kuikens niet. Snel een hok getimmerd en daar kwam Uli met de vier kleintjes. Na een poosje deed Uli echter zeer onaardig naar haar kroost en brachten we haar snel terug naar Wilma. Ondertussen groeiden de twee Hanen en twee kippen op. De eieren kwamen en het was een leuk koppel.
Omdat wij niet tevreden waren met onze woning zichten wij iets anders. Eind maart (2015) vonden we een leuk huis, maar daar konden we pas in juni terecht. Wel mocht ik alvast een groentetuin onderhouden. Nu werd dat dit jaar een fiasco, maar iedere keer wanneer ik kwam liep dat een leuke kleine poes rond. Het leek er op dat de buren regelmatig eten gaven, wat ik deels van hen over nam. Later vernamen wij dat de poes van de vorige bewoner was, die een jaar daarvoor overleden was. Het diertje kwam mij altijd tegemoet, wanneer ik aan de ontginning van het stukje grond kwam werken. Eindelijk konden we in de woning. Bij de overdracht verzocht de weduwe of wij het poesje over wilde nemen. Vrij snel moet je dan beslissen en wij gingen akkoord. Dus, na de verhuizing, hadden we er echt een poes bij; Jennah (haar originele naam was Diana, maar dat klinkt niet voor een poes).
De integratie met de andere dieren verliep vrij soepel. Zelfs Kato toonde een zekere acceptatie, maar regelmatig haalt ze nog steeds uit naar Jennah, alhoewel ze ook vrij dicht naast elkaar op de bank kunnen liggen.
Eindelijk wat rust. De honden, katten, kippen, het leefde allemaal rustig met en naast elkaar. Wel vond ik het aantal kippen, op twee hanen, wat mager. Met mijn verjaardag vroeg ik er dus kippen bij. En ja, ik kreeg twee kippen. Een grijze en een bijna zwarte. Hebben de eerste vier namen (Willem, Reinout, Sproet en Gerard), de nieuwe lichting zal naamloos door het leven gaan en in principe ook al het toekomstige pluimvee. En dat toekomstige bleek geheel niet ze ver verwijderd te zijn. Begin november begon Gerard serieus te broeden en op 25 november liepen er vier schattige kuikens door het hok. Twee dagen later waren het er opeens drie en dat is het aantal tot de dag van vandaag. Het spul groeit als kool en op de kippenwei begin het een aardig gezelschap te worden.
Eind december werd Noah duidelijk niet goed. Wij wisten al enkele jaren dat hij een hartruis had. Dit leek eigenlijk iets anders. Hij blafte heel erg. Bij de dierenarts kregen wij een antibioticum kuur. Het ging echter niet beter. Bovendien dijde Noah erg uit, terwijl hij steeds minder at. Bijna om de dag vertoonden wij ons wel bij de dierenarts. Uiteindelijk is er een röntgenfoto gemaakt. Een vergroot hart en enorm veel vocht. Het hart functioneert duidelijk inmiddels nóg slechter. Noah is nu de oude niet meer. Morgen hopen wij dat de hartpillen arriveren, alhoewel wij vrezen dat het toch het langzame einde van Noah in luidt. Nog maar 9, bijna 10. We zien wel en ondertussen vertroetelen wij het lieve dier.
Dit bracht ons er wel toe een krappe week geleden te discussiëren over de toekomst. Ventje alleen..., het is eigenlijk geen hondje om alleen te zijn. De gedachte aan een nieuwe hond was er. We dachten te zijner tijd een middelmaatje aan te schaffen. In ieder geval iets groter. Vorige week kwam Wilma langs met een logeer hondje, en dat soort leek ons helemaal geschikt. Maar, voor de toekomst...
Gisteren, in de loop van de dag, belde Wilma op. De tandarts (tevens zoon van de huisbaas) heeft een vier maanden oude Golden Retriever. Die had hij aangeschaft voor de kinderen, maar de ruimte en tuin (hinden wonen en keven hier buiten, behalve die van ons) was echt te klein. Het ging niet goed. Hij had wel aan ons zitten denken, maar legde de vraag bij Wilma neer; wil je een hond? Dus overleg. De conclusie was dat ze dat vooral niet moet doen, omdat zo een hond (of nu überhaupt een hond) niet in haar leven past. Daarop werd de vraag ons gesteld. Druk overleg, doch wij waren er spoedig uit. We doen het. Wilma gebeld en zij zou ons besluit door geven.
Begin van de avond gaat de telefoon. Musafer wil de hond komen brengen. Een half uur later was hij er, met zijn twee zoontjes. Die mogen altijd langs komen en met hun hond, nu de onze, komen spelen. De hond is een teefje en een van de jongetjes had de naam Poppy al toebedacht, dus die houden we.
Wederom is ons dierenrijk tijdelijk uit balans, moeten posities weer bevestigd en veroverd worden, maar op zich gaat het prima, al hebben we de komende tijd natuurlijk wel veel werk om dat kleintje goed op te voeden... Nacht een mislukte overigens al. Van zijn dekentje was hij op bed gekropen. Ventje vond dat niet leuk, wij eigenlijk ook niet, maar Poppy is zo lief en net bij ons... Ik moet er niet aan denken dat we straks met twee kleine hondjes én een Golden Retriever op bed slapen.
Tja. We kwamen met vier dieren. Nu zitten we met 14 dieren... En het maakt ons alleen maar gelukkiger, ondanks alle snelle veranderingen en beslissingen. Het begint al echt een boerderijtje te lijken....
Abonneren op:
Posts (Atom)